‘Erdogan moet president zijn’

De spanning in Turkije neemt toe. Deze week moet premier Erdogan aangeven of hij kandidaat is voor het presidentschap. Professor Mehmet Saglam is daarvan voorstander.

Mehmet Saglam Foto Bernard Bouwman Bouwman, Bernard

Professor Mehmet Saglam neemt de Turkse grondwet in zijn hand. Het is maar een klein rood boekje maar hij bevat bepalingen die veel Turken nog eens tot zich moeten laten doordringen, denkt hij. „De grondwet zegt dat je het seculiere karakter van de Turkse Republiek niet mag ondermijnen”, zegt hij. Voor Saglam is het duidelijk: de angst van seculiere Turken dat, als premier Erdogan president wordt, de sluizen voor de islamisering van Turkije open staan, is overtrokken. „Al die tijd dat hij premier is, heeft hij geen enkele maatregel tegen het secularisme genomen. Zijn AK-partij heeft een grote meerderheid in het parlement. Als zij hem wil benoemen, kan dat. Vanuit juridisch oogpunt valt daar niets tegen in te brengen.”

Deze week moet premier Erdogan bekendmaken of hij president wil worden of niet. Sinds Erdogan zei dat er een „verrassing” zit aan te komen, groeit de speculatie dat hij er op het laatste moment van afziet om president te worden.

Professor Mehmet Saglam, wiens grootvader mufti was, kent het Turkse politieke leven als weinig anderen. Saglam (1938), een van de weinige intellectuelen die Erdogan openlijk steunen in een mogelijke kandidatuur, was onder andere minister en hoofd van de Raad voor Hoger Onderwijs. Volgens hem moet Erdogan kandidaat zijn. „In Turkije is het gebruikelijk dat het hoofd van de regerende partij president wordt”, zegt hij. „Als Erdogan een ander kiest (en dus de een verkiest boven de ander red.), leidt dat tot spanningen in zijn partij. Bovendien, een president heeft een ambtstermijn van zeven jaar. Tel eens uit hoeveel verkiezingsoverwinningen de AK-partij moet boeken om over zeven jaar weer een president te kunnen voordragen? Voor Erdogan is het nu of nooit.”

Saglam weet uit zijn lange ervaring in het Turkse politieke leven: „Er is altijd verzet in Turkije als er een civiele (dwz. niet-militaire) president wordt benoemd”, zegt hij. De reden is: de seculier-bureaucratische elite, die het vanaf het ontstaan van de Republiek voor het zeggen had, voelt dan dat haar positie in het gevaar komt. Eigenlijk is het argument altijd dat de kandidaat in kwestie incompetent is en de Republiek in gevaar zal brengen. „Dat werd zelfs gezegd van Turgut Özal en die had nota bene nog voor de Wereldbank gewerkt. Een van de uit het leger afkomstige presidenten daarentegen kon zelfs niet goed Turks spreken maar daar heb je nooit iemand over gehoord.”

Erdogan zou, aldus Saglam, president moeten worden. Toegegeven, zijn vrouw draagt een hoofddoek. „Maar dat deed de moeder van Atatürk ook.” Maar Erdogans verleden dan? Was de premier geen fundamentalist? „Geloof is een persoonlijke zaak”, aldus Saglam. „In Europa zijn er ministers die homoseksueel zijn, maar daar hoor je ook niemand over want dat is hun privé-leven.”

Erdogan is ook veranderd, vindt Saglam. Als premier heeft hij meer dan wie ook gedaan om Turkije dichter bij de Europese Unie te brengen. In die zin staat hij direct in de traditie van Atatürk wiens grote droom het was om Turkije in Europa te verankeren. „En kijk dan eens naar de mensen die in Ankara tegen Erdogan demonstreerden. Zij riepen leuzen dat Turkije niet geregeerd mag worden door Amerika, het Internationale Monetaire Fonds en de Europese Unie. Maar als Turkije die banden doorsnijdt, is alles verloren wat het in de Republiek won.”

Saglam heeft groot vertrouwen in Erdogan. Maar dat heeft hij nog meer in Turkije. Turkije is volgens hem een tolerant land, waar extremisme niet kan aarden. „Ga naar een universiteit en kijk hoe meisjes met hoofddoek vriendinnen zijn van meisjes die deze niet dragen. Turkije is tolerant, is dat altijd geweest en zal dat blijven.”

19 april verscheen een interview met een tegenstander van Erdogans kandidatuur