Rattenstreek

Niet de roekeloze kaplust van de mens, maar een zadenetende rat betekende de ondergang voor de cultuur op Paaseiland.

Theo Toebosch

Het is zo’n sterk beeld van hoe de mens ecologische rampen kan veroorzaken: op Paaseiland staat op een gegeven moment nog maar één boom. Maar ook die ene kappen de bewoners van het afgelegen eiland in de Stille Oceaan om, met alle desastreuze gevolgen vandien. Jared Diamond is de bekendste van de wetenschappers die het beeld dankbaar gebruikten om hun waarschuwende ‘groene’ boodschap tegen overexploitatie te verkondigen.

Archeoloog Terry Hunt van de University of Hawaii en bioloog Jan Boersema, hoogleraar aan de Vrije Universiteit en verbonden aan het Instituut voor Milieuvraagstukken, vegen onafhankelijk van elkaar de vloer aan met dit beeld. “Dat is gebaseerd op gemakkelijke aannames en een onkritisch geloof in de elkaar tegensprekende historische bronnen,” stelt Hunt in een recent artikel in Journal of Archaeological Science (maart). Hunt en Boersema, die in augustus zijn ideeën presenteert op een aan Paaseiland gewijd internationaal congres in Zweden, komen beiden tot de conclusie dat niet de mens, maar de Polynesische rat (Rattus exulans) de hoofdschuldige is van het verdwijnen van de bomen op Paaseiland.

“Ik hou me bezig met de spanning tussen duurzaamheid en kwaliteit en vraag me af of onze cultuur zo dynamisch is geworden dat er tussen die twee geen balans meer is”, vertelt Boersema. Paaseiland leek hem een mooi voorbeeld van een hoogstaande cultuur waar de zaak ook niet in balans was gehouden.

Maar hij ging twijfelen toen hij voor zijn oratie in 2002 de oorspronkelijke verslagen van de eerste westerlingen op het eiland ging lezen. De Nederlander Jacob Roggeveen, die het eiland in 1722 – toen volgens de meeste wetenschappers de grote ineenstorting al was gebeurd – als eerste aandeed, schrijft bijvoorbeeld dat het eiland vruchtbaar was en dat de bewoners gezond waren. Door vervolgens wat rekenmodellen los te laten op de mogelijke bevolkingsgroei en het benodigde aantal bomen, kwam Boersema tot de conclusie dat de bevolking, die door anderen soms op 15.000 mensen is geschat, nooit groter dan 3.000 mensen is geweest en dat er meer bomen gegroeid moeten hebben dan de bevolking nodig moet hebben gehad.

voor de lol

Boersema: “Dat zou betekenen dat ze om de verdwijning van de bomen te verklaren, ook gewoon voor de lol gekapt hebben.” De Amsterdamse bioloog ging op zoek naar een plausibeler antwoord en vond die onlangs in de Polynesische rat. “Uit Nieuw-Zeeland zijn bijvoorbeeld gevallen bekend waar de rat, die vooral zaden eet, er voor gezorgd heeft dat er geen nieuwe aanwas kon groeien.”

Boersema’s hypothese wordt bevestigd door het archeologisch onderzoek van Hunt. Hij deed eigenlijk onderzoek op Fiji, maar toen een staatsgreep het land onveilig maakte, vroeg een oud-student op Paaseiland om bij hem onderzoek te komen doen. Hunt, die toen nog niet aan de gangbare opvattingen over ontbossing door overexploitatie en de ondergang van de eilandcultuur had getwijfeld, ontdekte eerst dat C14-dateringen van de komst van de eerste Polynesische bewoners niet klopten. Alle ondubbelzinnige dateringen wezen op 1100-1200 als de periode van de eerste bewoning, vierhonderd tot achthonderd jaar later dan gedacht. Hunts opgravingen op het Anakena-strand in het noorden, waar volgens hem de eerste bewoners geland moeten zijn, bevestigden die datering nog eens.

De veel latere datering van de aankomst van de eerste bewoners maakt het vrijwel onmogelijk dat ze zelf het eiland hebben ontbost. Hunt concludeert net als Boersema dat de rat de schuldige is.

De Polynesische rat, waarschijnlijk als voedsel voor onderweg op zee meegenomen door de eerste bewoners, plant zich snel voort. Bij opgravingen zijn dan ook duizenden rattenbotten en afgeknaagde zaden gevonden, aldus Hunt, die schat dat er 3 miljoen ratten op Paaseiland zijn geweest.

instorten

Boersema vermoedt waarom Paaseiland het schoolvoorbeeld van een door de mens veroorzaakte ecologische ramp is geworden. “Door de Club van Rome. Toen zijn wetenschappers op zoek gegaan naar historische voorbeelden van complexe gemeenschappen die door overexploitatie zijn ingestort.” Zelf meent hij dat pas in 1862 de echte ramp op Paaseiland is gebeurd. “Peruaanse slavenhandelaren voerden toen 1.500 eilandbewoners weg en ziekten deden hun intrede. In 1877 waren er nog maar 110 Paaslanders.”

Archeoloog Paul Bahn, een van de grondleggers van het idee dat de mens op Paaseiland een ecologische ramp heeft veroorzaakt, toont zich desgevraagd niet overtuigd door Hunts resultaten. “Genoeg C14-dateringen wijzen wel op een vroege komst van de Polynesiërs. Wij hebben ratten ook al genoemd als een van de factoren voor de ondergang van de eilandcultuur. Maar de mens was de belangrijkste factor. Ook als de rat voor de ontbossing heeft gezorgd, blijft de mens hoofdschuldige, want die heeft de rat ingevoerd.”