De lezer schrijft over verschil in aandacht voor doden in VS en Irak

Op 17 januari stond op pagina 4 een bericht over een aanslag bij de universiteit van Bagdad waarbij zeventig mensen werden gedood „onder wie veel studentes die bij de poort stonden te wachten op vervoer”. Dat was dat, toen, in januari, in Bagdad. Nadien werd er niet meer over geschreven.

En nu, 17 april, is de moord op een dertigtal studenten in Virginia voorpaginanieuws. Ook voor NRC Handelsblad. Vermoedelijk komen de komende tijd nog tal van deskundigen aan het woord over het hoe, en het waarom.

Die studentes die in Bagdad op een busje naar huis stonden wachten zijn intussen al lang vergeten. Immers, elke maand komen in Irak een paar duizend mensen om. Dat is ver weg en het is een weinig beschaafd land. Dus vele malen minder schokkend dan de moord op een stel studenten in de Verenigde Staten. Hoe gaat deze krant nu met dit gegeven om?

Harriët Anders

Maastricht

De krant antwoordt

Het is een vraag die regelmatig terugkeert en die zeer legitiem is: waarom krijgt een betrekkelijk gering aantal doden in een land dat ons vertrouwd is, of dat veel op het onze lijkt, meer aandacht in de krant dan soms honderden doden in een buitenland dat ons op het eerste gezicht minder zegt? Deze lezer signaleert een discrepantie tussen de aandacht voor Iraakse studenten die slachtoffer werden van politiek geweld en die voor de Amerikaanse studenten die lukraak werden vermoord op hun campus. Maar ze had ook kunnen verwijzen naar ongevallen met een veerboot in Bangladesh, waarbij soms honderden vallen, waaraan de krant minder aandacht besteedt dan een veel kleiner aantal doden bij een ongeluk in een Europees land.

Een simpel en ongevoelig antwoord zou luiden: nieuws is het aantal doden gedeeld door de afstand. Een brand in eigen huis jaagt de adrenaline hoger op dan één tien straten verder. Maar dat argument zou geen recht doen aan de internationale en ook kosmopolitische aspiraties van deze krant: wij willen juist verder kijken dan de eigen grenzen en nadrukkelijk oog houden voor gebeurtenissen elders die niet te vangen zijn in dozijnen simultaan gestraalde journaalbeelden of gemailde alarmbulletins. Zie onze recente reportages uit het enigszins in de internationale aandacht weggezakte oorlogsfront Sri Lanka, onze aandacht voor Darfur, waar weinig betrouwbare informatie uit afkomstig is, of het bekroonde werk van Dick Wittenberg in het Afrikaanse dorp Dickson.

Het voorbeeld Irak is daarom toch een beetje ongelukkig. Juist onze krant heeft aanhoudend en zonder te verslappen bericht gedaan van de almaar verslechterende situatie in Irak, en de telkens weer nieuwe manieren waarop juist de burgerbevolking daarvan het slachtoffer wordt. Wij staan ons op dat punt geen oorlogsmoeheid toe, laat staan cynische gewenning. Afgelopen donderdag nog opende de krant groot met een artikel over de vraag hoe we de aanslagen van sunnieten in Irak moeten interpreteren, naar aanleiding van de laatste golf aanslagen in Bagdad.

De zeer goed geïnformeerde stukken van onze buitenlandredacteur Carolien Roelants en onze correspondent Thomas Erdbrink over het conflict in Irak zijn net in ons boekenfonds gebundeld. Dat is geen vrolijk stemmend boek geworden en zal misschien geen commerciële ‘blockbuster’ zijn – maar wij vinden het van eminent belang om het onderwerp ook zo onder de aandacht te brengen.

De ruime berichtgeving over het bloedbad in Amerika hangt dus toch in de eerste plaats samen met iets anders, namelijk het nieuwswaardige karakter van hoogst ongebruikelijke gebeurtenissen. Het komt nu eenmaal niet zo vaak voor dat in dat land een dergelijk gruwelijk bloedbad wordt aangericht in een omgeving die juist is bedoeld als veilige, educatieve enclave voor jongeren. Wat is daar aan de hand? luidt dan de journalistieke vraag, die we graag in alle facetten proberen te beantwoorden. Hier komen dan toch het hemd en de rok een beetje aan bod: Nederlanders (en ook steeds meer Nederlandse studenten) kennen de Amerikaanse situatie goed, en willen over zo’n gebeurtenis ook direct zo goed mogelijk worden geïnformeerd. En inderdaad, de informatiestroom uit de VS komt na zo’n schokkende gebeurtenis vele malen sneller op gang en zwelt breder aan dan die uit Irak, waar we vaak regel voor regel informatie over een aanslag moeten halen én controleren. We verzekeren u: dat lastige werk blijven we doen.

Birgit Donker Hoofdredacteur

Reacties: www.nrc.nl/lezerschrijft. Nieuwe kwesties: lezerschrijft@nrc.nl