De genezing van Frankrijk kan beginnen

Morgen heeft de eerste ronde plaats van de Franse presidentsverkiezingen. Het land zit behoorlijk met zichzelf in de knoop.

Parijs, 21 april. - De stembus als weg naar bevrijding, als medicijn tegen somberheid, als afrekening met een trauma, en misschien wel als begin van een revolutie. De Fransen gaan morgen stemmen in de eerste ronde van de presidentsverkiezingen. En de verwachtingen zijn hooggespannen. Een record aantal Fransen, 44,5 miljoen, staat ingeschreven op de kieslijsten. Commentatoren spreken van „beslissende verkiezingen” voor de toekomst van het land. Voor Europa zelfs, want zolang Frankrijk ziek blijft, is ook Europa ziek, schreef bijvoorbeeld de Britse publicist Timothy Garton Ash deze week.

De genezing kan morgen al beginnen, met een antwoord op het trauma van de vorige presidentsverkiezingen, in 2002, toen de extreem-rechtse kandidaat Jean-Marie Le Pen de tweede ronde haalde. Herhaling is niet uitgesloten, maar is onwaarschijnlijk. Er zijn twaalf kandidaten, onder wie Franse exotica als het anti-liberale kwintet van trotskistische (3) en communistische kandidaten, dit keer aangevuld met antiglobalist José Bové.

Maar de echte strijd in de aanloop naar de tweede ronde op 6 mei gaat tussen drie kandidaten: de rechtse Nicolas Sarkozy, de linkse kandidate Ségolène Royal en centrumkandidaat François Bayrou, de outsider. Morgen, in de eerste ronde, vallen een of twee van hen af.

Elk van deze drie vijftigers begon de campagne enkele maanden geleden met de belofte van verandering. Ze delen de analyse: het gaat niet goed met Frankrijk, maar alles is niet verloren. Frankrijk is nog altijd de tweede economie in Euroland, de zevende van de wereld en is de thuisbasis van mondiaal opererende, vaak succesvol geprivatiseerde bedrijven (tien van de vijftig grootste in Europa). Maar het land ligt na twaalf jaar Jacques Chirac met zichzelf in de knoop.

De problemen zijn bekend. Ze liggen vooral bij de staat, de publieke sector en het midden- en kleinbedrijf. Moderniseringen in de welvaartsstaat die elders in Europa sinds de jaren tachtig zijn doorgevoerd, zijn door Chirac en zijn voorganger Mitterrand grotendeels ontlopen, uitgesteld of mislukt. De werkloosheid ligt al meer dan twintig jaar boven de 8 procent. Het pensioenstelsel is onvoldoende hervormd. De sociale zekerheid levert jaarlijkse nieuwe schulden op. Bijna de helft van de Fransen leeft van de staat.

[Vervolg Frankrijk: pagina 5]

Op zoek naar het Franse vertrouwen

De staatsschuld stijgt harder dan in andere Europese landen, terwijl de economische groei juist achterblijft. Frankrijk is weggevallen uit de toptien in internationale klassementen over concurrentievermogen en inkomen per hoofd van de bevolking.

Alleen al daarom gelden de verkiezingen als beslissend: nog eens vijf jaar stilstand zou verstrekkende gevolgen hebben. De rellen in de voorsteden in november 2005 hebben de wanhoop getoond onder de immigrantenbevolking in de voorsteden, waar de werkloosheid van generatie op generatie wordt doorgegeven, en soms tot 40 procent oploopt. Maar ook de middenklasse in de woonsteden en op het platteland verliezen hoop. Het land is bevangen door een stemming van neergang. Al jaren grijpen kiezers, vakbonden en demonstranten elk gelegenheid aan om ‘nee’ te zeggen. Men voelt zich bedreigd. Door de mondialisering, al zeggen economen nog zo hard dat zij het land juist kansen biedt. Door Europa, waar Frankrijk sinds de uitbreiding tot 27 landen onmiskenbaar aan dominantie heeft verloren. En door het angstaanjagende vooruitzicht risico’s te moeten nemen.

Welke kandidaat straks ook gekozen wordt, deze moet dus in de eerste plaats het vertrouwen herstellen. Sarkozy, Royal en Bayrou belijden deze wens alle drie, maar hun strategie is verschillend.

Nicolas Sarkozy presenteert zich als de sterke man, die Frankrijk zal hervormen én beschermen. Als enige kanshebber beschikt hij over een verenigde omvangrijke partij, een uitgewerkt programma en een gedetailleerd actieplan, van de hardere aanpak van jeugdcriminelen tot een minigrondwet voor Europa, die hij zonder nieuw Frans referendum wil doorvoeren. Zijn economische programma komt het dichtst bij de liberale hervormingen die elders in Europa hebben gewerkt, zonder onderscheid tussen links en rechts. Zo belooft Sarkozy lastenverlaging, meer flexibiliteit op de arbeidsmarkt, inkrimpen van de publieke sector en actievere begeleiding van werklozen. Tegelijk blijft hij klassiek Frans vertrouwen op staatsinterventie, onder meer door een Europees protectionisme tegen de mondialisering.

Sarkozy heeft één voorname handicap: hij roept veel weerstand op. Sinds de rellen van 2005 is hij gehaat in de banlieues. Zijn agressiviteit maakt zijn persoonlijkheid onderwerp van debat. En hij wekt kritiek met zijn populistische nadruk op gevoelens van nationalisme en onveiligheid.

Vergeleken met Sarkozy is Ségolène Royal de kandidate van de zalvende aanpak. Met peptalk over het „omhoog trekken” van de samenleving mikt zij op het verbeteren van de moraal. Daarbij hoort in haar ogen meer invloed van ouders op school, van burgers in de politiek en van leden op vakbonden. Maar ze belooft ook klassieke maatregelen als een verhoging van het minimumloon en pensioenen, het invoeren van gesubsidieerd werk voor jongeren en het garanderen van de koopkracht. Dat levert haar kritiek op, ook van linkse economen die haar nog kort geleden zagen als de aangewezen leider om Frans links te moderniseren. Het grootste probleem van Royal is dat zij geen einde heeft weten te maken aan de gespletenheid op links tussen sociaal-democraten en anti-liberalen.

François Bayrou is weer wat liberaler dan Royal, maar gematigder dan Sarkozy. Eenmaal gekozen, wil hij een nieuwe Democratische Partij oprichten met gematigd links en rechts bijeen. Dat zou de Franse verhoudingen drastisch kunnen veranderen. Het ‘uiterste centrum’ van Bayrou is de verst doorgevoerde variant van een droom die alle twaalf kandidaten op een of andere manier koesteren: dat Frankrijk met een nieuwe president in een klap zijn harmonieuze eenheid hervindt.

Rectificatie / Gerectificeerd

In de grafiek bij Op zoek naar het Franse vertrouwen (21 april, pagina 5) stond: Globalisering is vooral... bedreiging voor tarieven en werkgelegenheid. Bedoeld was: ... bedreiging van bedrijven en werkgelegenheid.