Bos: geen voorkeur bij overname ABN

De Nederlandse regering heeft op dit moment geen enkele voorkeur voor een van de partijen die interesse hebben getoond in ABN Amro. En president Wellink van De Nederlandsche Bank is niet bij voorbaat tegen een overname van ABN Amro door een consortium.

Dat zei minister Bos van Financiën gisteren in de marge van een EU-vergadering in Berlijn. Eerder deze week verklaarde Wellink dat een overname van ABN Amro door een consortium „een sterk risicoverhogende en complicerende factor” zou zijn. Nederland werd daarop gewaarschuwd door Brussel om geen belemmeringen op te werpen tegen een overname van ABN Amro. EU-commissaris Charlie McCreevy (Interne Markt) zei „teleurgesteld” te zijn door de uitlatingen van Wellink. Brussel verzet zich tegen nationale overheden die proberen overnames door buitenlandse bedrijven op oneigenlijke gronden te verhinderen.

Volgens minister Bos is er sprake van een „vervelend misverstand”. Als Bos toestemming moet geven voor een overname, dan zal hij dat „objectief en onbevooroordeeld” doen, zei hij. „Het gaat er om dat een overname geen instabiliteit veroorzaakt voor het financiële systeem. En het biedingsproces moet ordentelijk verlopen. Dat zijn de twee criteria waarnaar zal worden gekeken. En dat is ook wat Wellink beoogd heeft te zeggen, heb ik van hem begrepen.”

ABN Amro onderhandelt al een maand met Barclays en praatmaandag met een consortium van het Spaanse Santander, het Belgisch-Nederlandse Fortis en de Royal Bank of Scotland. Deze groep heeft interesse in de bank. Een overname door een consortium betekent mogelijk dat de bank wordt opgesplitst.

Volgens Bos is er voor klanten van ABN Amro geen enkele reden om zich zorgen te maken over hun geld. „Juist omdat we op een objectieve manier zullen bekijken wat een overname betekent voor het financiële systeem en voor de bank, hoeven klanten niet ongerust te zijn.”