Bestrijd terreur tegen biowetenschappers met de waarheid over proefdieren

De Partij voor de Dieren stelt het leven van een muis boven dat van een mens, ontdekt Maarten Huygen.

Het vergt moed om in een klimaat van angst en terreur te pleiten voor onderzoek met proefdieren. Die moed heeft de door een erfelijke spierziekte geïmmobiliseerde sinoloog Peter Streng (43), woordvoerder van een Europese patiëntenalliantie voor erfelijke spierziektes. Met zijn fijngevormde, langvingerige rechterhand bedient hij het hendeltje waarmee hij zijn elektrische rolstoel vlot door het kantoor voor patiëntenorganisaties in Baarn stuurt. Al sinds zijn twaalfde loopt hij niet meer. Als het aan de Partij voor de Dieren en andere dierenrechtenorganisaties ligt, zal hij nooit beter kunnen worden en zullen veel van zijn lotgenoten op jonge leeftijd het leven verliezen. Door lobby, juridische procedures en soms zelfs terreur van dierenrechtenorganisaties wordt medisch onderzoek in Nederland en in Europa gehinderd en soms onmogelijk gemaakt.

De controle op dierproeven is streng. Terecht, want dieren moeten goed worden behandeld. In 2005 waren er 554 deels onaangekondigde inspecties in 82 dierproeflaboratoria. Onder de in totaal slechts zes geconstateerde fouten waren onder andere het ter plekke ontbreken van een welzijnsdagboek voor een muis of van een muisverzorgersdiploma. In alle gevallen ‘is een verbetertraject ingezet’. De Partij voor de Dieren en haar politieke meelopers willen nu nog meer eisen stellen.

De wet verplicht vaak tot tests op muizen, kippen of vissen voordat een middel wordt uitgeprobeerd op mensen. Begrijpelijk, want een muis is minder waard dan een mens. Soms kunnen via genetische modificatie van kleine knaagdieren stoffen worden geproduceerd waarmee erfelijke mensenziekten worden bestreden. Of nieuwe medicijnen worden op al of niet genetisch gemodificeerde muizen uitgeprobeerd. Onderzoek geeft patiënten als Streng hoop. Ze volgen het intensief omdat hun bestaan ervan afhangt.

Het is raar dat alleen organisaties voor patiënten met erfelijke ziekten hun best doen voor het verdedigen van proefdieronderzoek. Want vrijwel iedereen die medicijnen gebruikt, heeft die te danken aan onderzoek met proefdieren. Wie geld in een collectebus gooit voor de bestrijding van kanker of aids, diabetes of alzheimer subsidieert onderzoek met apen, varkens of ratten. En toch durven de meeste fondsen daar niet eerlijk voor uit te komen. Stel je voor, misschien komen er bij hen ook terroristen langs om familieleden te bedreigen, ruiten in te gooien, brandbommen door de brievenbus te doen, auto’s te bekladden of mensen met megafoons in de oren te schreeuwen.

Onlangs werden functionarissen van beursbedrijven in Nederland bedreigd en bestookt, omdat daar sinds een internationale fusie ook een Brits bedrijf voor medisch onderzoek genoteerd staat. Volgens Marianne Thieme van de Partij voor de Dieren mogen de daders geen ‘terroristen’ genoemd worden. Maar zij zijn terroristen omdat ze door angst te zaaien medici, ondernemers of wetenschappers van proefdieronderzoek willen afhouden.

Organisaties die de belangen van het dier verabsoluteren hebben in Nederland een propagandavoordeel, zeker sinds de Partij voor de Dieren in het parlement is gekozen. Veel mensen denken dat proefdieren alleen om commerciële redenen worden gebruikt en dat medisch onderzoek best zonder kan. Vrijwel niemand durft hen tegen te spreken.

Dr. Cees Smit krijgt van onderzoeksinstellingen en patiëntenverenigingen weinig geld los voor zijn Stichting Informatie Dierproeven, die de website informatiedierproeven.nl beheert. Hij moet tegen de stroom oproeien. Tegenover het tendentieuze televisiespotje over een man die vraagt of hij iemands huisdier mag lenen om het te pijnigen, staan geen beelden van een lijder aan aids of diabetes die dankzij onderzoek met proefdieren nog leeft. De omgang met proefdieren is zorgvuldiger geworden. Voor elk experiment met een rat moeten vergunningen worden aangevraagd. Bedrijven en laboratoria zoeken naar alternatieven voor dure en omslachtige dierexperimenten. Meestal kunnen onderzoekers er niet omheen.

De Partij voor de Dieren zou minder kwaad doen als zij zou streven naar een verbod op vlees eten. Vegetarisme is niet ongezond en spaart natuurlijke hulpbronnen. Maar een verbod op proefdieren kost levens, of het nu om malaria gaat of om diabetes. Toch verklaart de Partij voor de Dieren in haar programma dat het fasegewijs een einde wil maken aan ‘alle dierproeven’. Dit extreme standpunt van Thieme is belangrijker dan haar godsdienst. Haar prominente lijstduwers lieten het passeren. Bioloog Maarten ’t Hart, die heeft geschreven over zijn proeven met ratten, zou beter moeten weten.

Voor terroristen komt het collectieve misverstand over proefdieren goed uit. Zij hebben fellow travellers nodig die het niet eens zijn met de methoden, maar wel met de doelstelling van een heilstaat zonder medisch onderzoek. Meelopers zijn ruim voorradig. De meeste mensen vinden dat de schattige aapjes uit de laboratoria moeten worden bevrijd. Alleen door het licht van de waarheid over medisch onderzoek kunnen terroristen hun sympathisanten verliezen. Voorlichting is nog effectiever dan politiewerk.

In Groot-Brittannië is de dierenrechtenterreur frontaal aangepakt op initiatief van een 16-jarige schoolverlater, Laury Pycroft. Hij begon een demonstratie tegen activisten die de bouw van een biomedisch laboratorium van de universiteit van Oxford wilden tegenhouden. Massa’s mensen tekenden petities voor medisch onderzoek. Ook premier Blair deed mee en hij schreef een vlammend pleidooi voor dierproeven in de Sunday Times. Een voorbeeld dat navolging verdient bij Nederlandse politici die geven om de biowetenschappen en de gezondheid van hun burgers. Nu de dierenactivisten in Groot-Brittannië geïsoleerd zijn geraakt, steken ze over naar het Europese vasteland. Nederland is een mooie uitvalsbasis, met vooraanstaande intellectuelen die de partij tegen de dierproeven steunen. De medische onderzoeksfondsen hebben geld genoeg om hier tegenin te gaan en in spotjes en voorlichtingscampagnes dierproeven te verdedigen.