Bang voor de stilte 2

Even terug in de industriële revolutie, toen de schepen nog van hout waren en de zeelui van ijzer. Er werd toen, heel stil onder zeil, al de nodige haring gevangen. Langer terug in de evolutie heeft de haringsoort zeker geen genetisch vastgelegde angst opgebouwd voor de zeer grote vinvissen, zoals afgelopen zaterdag gesuggereerd in een ingezonden brief (n.a.v. `Bang voor de Stilte` W&O 7 april). Vinvissen consumeren meestal geen haringachtigen.

Wat zou dan wel een rol kunnen spelen? Het oude onderzoekschip had, zoals de meeste visserschepen, geen dieselelektrische voortstuwing maar slechts diesel-hoofdmotoren die een schroefas met scheepsschroef aandrijven. Op het nieuwe onderzoekschip is vooral in het spectrum van de industriële geluidsoverlast een en ander sterk gereduceerd, terwijl in een ander deel van het spectrum het geluid wel sterk is toegenomen.

Als vissen gevoelig zouden zijn voor elektromagnetische velden of het aardmagnetisch veld, is er wel iets wezenlijks veranderd. Het nieuwe schip heeft dieselelektrische voortstuwing, waardoor het opgestelde elektrische vermogen van generatoren en voortstuwingsmotor zeker vijftien tot twintig maal groter is geworden. Dit heeft mogelijk een grote invloed op het elektromagnetisch veld rondom het schip en de verstoring van het natuurlijke veld. De verandering van het aardmagnetisch veld door een passerend schip was bijvoorbeeld de methode om een ouderwetse magnetische zeemijn te laten ontploffen. Tot ver na de oorlog waren zeeschepen uitgerust met systemen om dit risico te beperken.

De verdere discussie lijkt me meer voor gespecialiseerde biologen, mijn kennis is hoofdzakelijk beperkt tot techniek en natuurkunde.

Roosevelt Academy, Middelburg