Uitzuigen van de hersenen mag niet meer

Het Hooggerechtshof in de VS heeft voor het eerst in 34 jaar het zelfbeschikkingsrecht van vrouwen beperkt.

Een zege voor conservatief Amerika.

Terwijl Amerika nog in de ban is van de massamoord in Virginia, maakte het Hooggerechtshof woensdag een beslissing bekend die vermoedelijk vergaande consequenties heeft. Voor het eerst sinds 1974, toen het Hof het federale recht op abortus erkende, legde datzelfde Hof – dat vorig jaar werd vernieuwd met twee conservatieve opperrechters – een beperking op aan het zelfbeschikkingsrecht van vrouwen.

Het is een beperking die de bestaande abortuspraktijk in de VS niet meteen verandert. De uitspraak van het Hof geldt uitsluitend voor zwangerschappen van drie maanden of ouder. En door de uitspraak is alleen een specifieke abortustechniek verboden, die zelden wordt beoefend: volgens onderzoek uit 2000 gaat het om 0,17 procent van alle abortussen in de VS.

Toch zien voor- en tegenstanders in de uitspraak een belangrijke principiële overwinning voor conservatief Amerika. Dat werd geïllustreerd door het enthousiasme van president Bush en de reactie van opperrechter Ruth Bader Ginsburg, het enige vrouwelijke lid van het Hof.

Zij was „gealarmeerd” door de uitspraak. „Het Hof ontneemt vrouwen het recht op een autonome beslissing”, schreef zij. „Het is een manier van denken die antieke opvattingen over de rol van vrouwen in de familie en grondwet doen herleven. Ideeën die al lang geleden zijn verworpen.”

Het Hof nam zijn beslissing met een 5-4 meerderheid. De twee conservatieve opperrechters die Bush vorig jaar benoemde, voorzitter John Roberts en Samuel Alito, behoren beide tot de meerderheid. Alito’s stem gaf de doorslag, omdat zijn voorganger, Sandra Day O’Connor, eerder in een soortgelijke zaak met het progressievere deel van het Hof mee stemde.

Voorstanders van het recht op abortus werden vooral verontrust door opmerkingen van opperrechter Anthony Kennedy, die in eerdere gerechtelijke uitspraken het federale recht op abortus steunde. Donderdag stemde hij met de conservatieve factie van het Hof mee. Hij wees op „ethische en morele bezwaren” van abortus, en het belang van „de waardigheid van het menselijke leven”, een woordgebruik dat nauw aansluit bij dat van anti-abortusactivisten.

Volgens Kennedy is het uitgevaardigde verbod terecht omdat vrouwen voor een abortus een beroep kunnen doen op andere technieken. Ginsberg wees erop dat vrouwen door het verbod voortaan mogelijk hun persoonlijke gezondheid op het spel zullen moeten zetten om een abortus te krijgen – volgens haar een flagrante schending van het recht op abortus (dat Kennedy eerder steunde).

De verwachting is dat de nieuwe uitspraak het abortusdebat in de VS een nieuwe impuls geeft. In het Amerikaanse stelsel bepalen de staten in eerste instantie de abortusregels. Het Hof heeft dat principe verlaten toen het in 1973, in Roe v. Wade, het recht op abortus op federaal niveau vastlegde. Maar met de nieuwe uitspraak is dat federale recht nu dus ingeperkt.

En het valt te verwachten dat conservatief Amerika, de laatste jaren in grote problemen, de uitspraak zal gebruiken om in alle staten aanhangers van striktere abortuswetgeving te mobiliseren. Aanhangers van het recht op abortus zeiden donderdag klaar te zijn voor de nieuwe strijd.

Het is ook waarschijnlijk dat abortus nu een onderwerp wordt in de campagne voor de presidentsverkiezingen volgend jaar.

Beluister een origineel pleidooi in Roe v. Wade: www.oyez.org/cases/1970-1979/1971/1971_70_18/argument/