Te veel in korte tijd

De burger mag van de overheid verwachten dat deze onder meer toeslagen uitkeert, belastingen int, rampen bestrijdt en bij verkiezingen de stemmen optelt. Op al die fronten werden deze week door direct verantwoordelijken of toezichthouders alarmerende termen gebruikt. De Nationale ombudsman sprak over „koorts” , „ontregeling” en „chaos” bij de Belastingdienst. De minister van Binnenlandse Zaken noemde de toestand bij de rampenbestrijding „alarmerend”. Zij verweet de provincies „planfixatie” waardoor de illusie van „schijnveiligheid” ontstond. Over de introductie van stemmachines verscheen een onafhankelijk onderzoeksrapport dat de naïviteit, desinteresse en technische incompetentie van Binnenlandse Zaken op dit terrein sinds 1966 hekelde. Het hertellen van stemmen blijkt niet mogelijk, de software is niet gecontroleerd, beveiliging niet gereguleerd en er is maar één leverancier. De nieuwe staatssecretaris op dit departement eist oplossingen en wel „per direct”.

Dat de overheid in Nederland over het algemeen effectief is en burgers toch behoorlijk worden bestuurd is mede te danken aan een traditie van controle en evaluatie die ervoor zorgt dat problemen boven water komen. De rapporten en onderzoeken van deze week passen in een lange reeks ad-hoccommissies, parlementaire enquêtes en rapportages van de Rekenkamer en de ombudsman. In ieder geval wekken ze de suggestie dat de overheid alert kan reageren. Maar ook als een departement veertig jaar de tijd neemt, zoals met het invoeren van stemmachines, is het geen garantie dat het goed komt.

Dat de minister van hetzelfde departement aan de Kamer over rampenbestrijding moet schrijven dat bij haar ambtenaren het „maken van plannen een doel op zich lijkt” is meer dan ernstig. Afspraken tussen regio’s over snelle bijstand zijn er te weinig, „primaire processen” (lees: blussen) zijn niet op orde, net zo min als snel „opschalen” (lees: bellen om meer hulp). De minister meldt dat er „nog veel is te verbeteren”. Uit eerdere reportages in deze krant blijkt dat zij hier het eufemisme toepast.

Kunnen overheid en politiek leren van fouten? Na een week als deze is twijfel mogelijk. Politici willen vaak te veel in te korte tijd. Ambtelijke organisaties hebben de neiging zichzelf te overschatten, analyseerde de Nationale ombudsman deze week. Dan raakt een belastingdienst overspannen en krijgt de dienst volgens dit Hoog College van Staat ‘koorts’. De Haagse ambtelijke top liet bij de formatie weten dat een betere (en kleinere) rijksoverheid mogelijk is als de politiek zich weet te beheersen. Juridische standaardbegrippen en eenvoudigere regels zorgen voor minder werk en snellere resultaten.

Duidelijke politieke keuzes helpen ook: de burger heeft meer behoefte aan degelijke rampenbestrijding dan aan stemmachines. Doe het een dus wel en het ander niet. Anders raken de loketten verstopt, de ambtenaren overbelast en is de burger in nood.