Pleidooi voor provincialisme

Tom Lanoye nam gisteren de Gouden Ganzeveer in ontvangst. Zijn provocaties vielen in goede aarde bij de toehoorders.

Tom Lanoye kreeg gisteren in hotel The Grand de Gouden Ganzeveer overhandigd. Bij de uitreiking van deze cultuurprijs voor het geschreven woord hoort een discussie en Lanoye bedacht de stelling: „Hoe meer de wereld wil globaliseren, hoe meer de Lage Landen provincialiseren.” De deelnemers aan de discussie trokken de conclusie dat provincialisme niet erg is.

Een pleidooi voor een Nederland dat onvoorwaardelijk zijn blik naar buiten richt, bleef uit. Rinnooy Kan pleitte voor provincialisme zonder weerzin op te wekken. Bas Heijne: „Provincialisme, folklorisme, de viering van een Michiel de Ruyter-jaar: je moet mensen dat gevoel gunnen.” Ook Geert Mak vindt dat we „provincialiteit en regionaliteit niet in het verdomhoekje moeten stoppen. Tegelijkertijd kunnen we ook voor Europa zijn.”

Jeltje van Nieuwenhoven vormde een uitzondering. „Ik heb niet zoveel met die regionale identiteit. Ik heb geen Fries accent! Mensen zeggen dat, maar ik kom uit het enige gedeelte van Friesland waar men geen Fries spreekt. Mijn accent? Moet ik daar trots op zijn? Nee, ik had in mijn jeugd naar de logopedist moeten gaan.”

Na de discussie stal Tom Lanoye de show. Ook hij provoceerde, suggererend dat hij de prijs niet ontving voor zijn bijzondere verdiensten voor het geschreven woord in Nederland, maar omdat hij een „excuus-Vlaming” was. Hij noemde zichzelf „ambassadeur der oer-allochtonen van de Nederlandse letteren, de Vlaming.” Lanoye: „We voelden ons structureel tekort gedaan, historisch gekolonialiseerd, zodanig verkeerd begrepen dat we uiteindelijk ons konden tooien met het interessantste wat het moderne mensdom voor zijn stervelingen in petto heeft: het eeuwige slachtofferschap. Ecce Homo Flamencus.”

Even later stapte hij van het katheder vandaan om heen en weer lopend op de tafel waar prinsen en Amsterdamse burgemeesters eeuwenlang hun beraadslagingen hebben gehouden een lange en uiterst plastische seksscène uit zijn nieuwe roman Het derde huwelijk voor te dragen. Deze allerminst benepen scène, waarin de hoofdpersoon in een park seks heeft met een Marokkaanse jongeling, werd door het selecte publiek met hilariteit ontvangen.