Ons werk in Irak is nog niet af

Zonder internationale, militaire betrokkenheid bij Irak staat de hele regio straks in vlammen.

Nederland, de EU en NAVO moeten in actie komen.

Er is in de Tweede Kamer de laatste vier jaar veel en polariserend gesproken over de politieke steun die het demissionaire kabinet-Balkenende I (CDA-VVD-LPF) verleende aan de Amerikaanse militaire interventie in Irak. Bij de formatie van Balkenende IV (CDA-PvdA-CU) is door de coalitiefracties in de Kamer overeengekomen geen parlementair onderzoek naar het Irakbeleid van het Nederlandse kabinet te steunen.

Zelfs de PvdA moest in het Kamerdebat over Irak van 4 april erkennen dat de opeenvolgende bewindslieden sinds begin 2003 de Kamer juist hadden geïnformeerd en dat een parlementair onderzoek dus overbodig was. Hiermee kwam een einde aan vier jaar morele verontwaardiging van de PvdA over de Nederlandse betrokkenheid bij Irak. Met deze koerswijziging van de PvdA opent zich het perspectief van een veel wezenlijker debat: hoe kan Nederland het zo zwaar beproefde Irak het beste ondersteunen op weg naar vrede en ontwikkeling.

Voor de VVD houdt de destijds terecht verleende politieke steun aan de militaire interventie een blijvende betrokkenheid bij Irak in. Als Irak explodeert en het sektarisch geweld ontaardt in een echte burgeroorlog, dan staat de regio in vlammen. Turkije, Syrië, Jordanië en oliestaten Iran, Koeweit en Saoedi-Arabië zullen als buurstaten bij de burgeroorlog betrokken raken. Hetzelfde geldt voor Israël, de Palestijnse Autoriteit, Libanon, Egypte en de Golfstaten.

De repercussies voor de politieke en economische stabiliteit zullen dramatisch zijn. Ook Afghanistan zal meegezogen worden. Het internationaal terrorisme zal in Irak en Afghanistan blijvend een uitvalsbasis vinden. Irak mag dus niet mislukken, het land mag niet degraderen tot failed state.

Nederland heeft een goede naam in Irak opgebouwd. NAVO-, EU- en VN-lid Nederland draagt wezenlijk bij aan de NAVO-trainingsmissie in Irak, de ISAF-missie in Zuid-Afghanistan, EUFOR in Bosnië en UNIFIL in Libanon. Nederland heeft goede banden met gematigde moslimlanden zoals Marokko, Jordanië en Indonesië. Nederland zou initiatieven moeten nemen om Amerikaanse en Britse troepenreducties in Irak via internationalisatie op te vangen. Hieraan zou het professionele leger van Indonesië een belangrijke bijdrage kunnen leveren. Nu de Nederlands-Indonesische betrekkingen opbloeien, zijn er mogelijkheden voor een partnership voor Irak. Een Nederlands-Indonesische militaire deelname aan een nieuwe coalitie in Irak mag niet worden uitgesloten. Overbelasting van de Nederlandse krijgsmacht moet daarbij worden voorkomen. Daarnaast kan Nederland via ontwikkelingshulp bijdragen aan het herstel van de infrastructuur in Irak. Ook ons bedrijfsleven kan een rol van betekenis spelen.

Als de EU relevant wil zijn in Irak, dan mag het niet bij papieren verklaringen blijven. De Unie moet bereid zijn haar Battle Groups in Irak te ontplooien, te bemiddelen en te investeren in dit door god verlaten land. Ook de NAVO kan samen met de EU de Amerikanen en de Britten ontlasten. De EU heeft voldoende financiële middelen voor ontwikkelingssamenwerking om zo’n nieuwe internationale coalitie mogelijk te maken.

Nederland moet in de EU en de NAVO initiatieven voor die nieuwe coalitie voor Irak nemen. Nederland is niet tot het onmogelijke gehouden, maar het moet actief bij de pacificatie van Irak betrokken zijn. Na het Irakdebat van 4 april is de tijd daarvoor rijp. Niet omzien of zwartepieten, maar vooruitkijken. Het is tijd voor keuzes.

Hans van Baalen is woordvoerder Buitenlandse Zaken van de VVD-fractie in de Tweede Kamer en lid van de Parlementaire Assemblee van de NAVO.

Bezoek Van Baalens weblog, hansvanbaalen.nl