Onpeilbare Fransen kiezen voor een verrassing

Zondag kiest Frankrijk een nieuwe president. Als er geen absolute winnaar te voorschijn komt, volgt op 6 mei een tweede ronde. Wie gaat winnen? Dat is voor de Fransen zelf een verrassing.

Zondag voltrekt zich een vreedzame Oranje Revolutie in Frankrijk. François Bayrou, de 55-jarige kandidaat van centrumpartij UDF (partijkleur oranje) weet het zeker. Hij voert al maanden een campagne tegen ‘de oorlog tussen twee clans’ die de Franse politiek beheerst: links en rechts. Verkiezing na verkiezing zeggen de kiezers volgens Bayrou dat het zo niet langer kan. In de jaren ’80 en ’90 stemden ze voor cohabitions tussen links en rechts. In 2002 op extreemrechts en extreemlinks. In 2005 tegen de Europese Grondwet. „Dit keer gaan ze het op een positieve manier zeggen”, beloofde hij gisteravond in Pau, op zijn laatste grote campagnebijeenkomst voor de eerste ronde van de presidentsverkiezingen. Hij gaat winnen.

Kan het zo lopen? Ja, fluisteren de waarnemers. De peilingen wijzen weliswaar ‘gewoon’ op een tweestrijd tussen de favorieten Nicolas Sarkozy en Ségolène Royal in de tweede ronde op 6 mei (zie grafiek). Maar Fransen laten zich lastig peilen. Kiezers van de extreemrechtse kandidaat Jean-Marie Le Pen verbergen zich. Van de 44,5 miljoen kiezers zeggen er twee dagen voor de verkiezingen nog 18 miljoen dat ze twijfelen.

De onzekerheid wordt nog vergroot doordat opiniebureaus hun ‘bruto’-peilingen fors corrigeren, om de fouten van de vorige verkiezingen te vermijden. Zo zou Le Pen in de ‘bruto’-peilingen rond 6 procent uitkomen, ruim 6 procentpunt lager dan ‘gecorrigeerd’. Met Bayrou gaat het juist andersom: hij scoort bruto ongeveer 23 procent, 4 tot 5 procentpunt hoger dan na bijstelling. Bayrou scoorde in 2002 immers minder dan 7 procent, terwijl Le Pen op 16 procent uitkwam. Bovendien is hij nu de absolute topkandidaat van de twijfelaars: of ze nu naar Sarkozy, Royal of extreem-links neigen, het ‘uiterste centrum’ van Bayrou overwegen ze óók.

Om middernacht houdt de campagne officieel op: het publiceren van peilingen is daarna verboden, de kandidaten moeten zwijgen.

Met zoveel onzekerheden wordt een verrassing intussen zo vaak voorspeld, dat het bijna verrassend zou zijn als er zondag géén verrassende affiche voor de tweede ronde komt, maar gewoon: Sarkozy-Royal. Bovendien liggen de favorieten onder vuur. Nicolas Sarkozy scoort sinds januari weliswaar onafgebroken het hoogst in de peilingen – maar hij is ook de kandidaat die het meest ‘verontrustend’ wordt gevonden. Zijn posters worden het vaakst beklad, met Hitlersnorren, scheldwoorden en waarschuwingen: ‘Deze man is tot alles in staat.’

Het laat zien hoezeer Sarkozy verdeelt. Zijn campagneteam vreest een Tout-Sauf-Sarkozy-front: Alles Behalve Sarkozy. Daarom hecht Sarkozy zeer aan steun uit centrum, zoals deze week kwam van ex-president Valéry Giscard d’Estaing, ook UDF. Gisteren ruimde hij op zijn laatste campagnebijeenkomst plaats in voor historische centrumfiguren als oud-Europarlementsvoorzitter Simone Veil, die klaagde dat Sarkozy wordt „gedemoniseerd”.

De kandidaat zelf trok van leer tegen de ‘fascisten’ die hem zijn Hongaarse afkomst verwijten. De woordkeuze moet duidelijk maken dat hij afstand neemt van Le Pen, die de kandidatuur van „immigrantenzoon” Sarkozy gisteren opnieuw „onethisch” noemde.

Het steekspel laat zien hoe hard deze presidentscampagne is geworden. En daaraan doet Sarkozy volop mee. Hij dekt zijn rechterflank af met een populisme en nationalisme dat jaren afwezig was in Frankrijk. Zo ging gisteren in Marseille – opnieuw – nationale trots boven Europese broederschap. „Frankrijk heeft geen enkele volkerenmoord gepleegd”, betoogde Sarkozy, „Frankrijk heeft de Endlösung niet uitgevonden”.

Deze week bezocht Sarkozy het graf van generaal De Gaulle, om duidelijk te maken dat hij het presidentschap net als hij ziet als „een ontmoeting tussen man en volk”.

Zijn concurrenten vallen Sarkozy nu op zijn karakter aan. „Zijn project is hij zelf, mijn project bent u”, zei Ségolène Royal gisteren in Toulouse. Royal, die zelf volgens velen een zwakke campagne heeft gevoerd, kreeg daar de steun van de Spaanse premier Zapatero.

Bayrou probeerde het gisteren indirect: de Fransen hebben volgens hem behoefte aan een „evenwichtige en gematigde president, die meer van Frankrijk houdt dan van de macht.”