FNV haalt loon binnen, maar geen scholing

De loonstijging in de grote cao’s die de FNV-bonden tot nu toe hebben afgesloten dit jaar, is nagenoeg de gewenste 3 procent. Minder goed gaat het met afspraken over secundaire arbeidsvoorwaarden zoals scholing van werknemers. Dat zei cao-coördinator Wilna Wind van vakcentrale FNV gisteren op basis van de eerste 81 afgesloten cao’s, waar ruim 600.000 werknemers onder vallen.

Dit jaar onderhandelt de vakcentrale over 443 collectieve arbeidsovereenkomsten, waar 2,7 miljoen werknemers onder vallen. Nederland heeft in totaal bijna 1.000 collectieve arbeidsovereenkomsten die de arbeidsvoorwaarden van 6 miljoen werknemers bepalen.

Tot nu toe bedraagt de gemiddelde loonsverhoging voor dit jaar 2,8 procent in de zogeheten coördinatie-cao’s, die gelden voor tenminste 2000 werknemers en waarbij de salarisstijging wordt berekend over twaalf maanden. Eerder maakte de werkgeversvereniging AWVN bekend dat de loonstijging lager lag, op 2,5 procent. Dat komt volgens de FNV omdat die vereniging alle kleine overeenkomsten even zwaar meetelt als de grote overeenkomsten.

Het aantal scholingsafspraken ligt hoger dan gebruikelijk, maar valt erg tegen, zei Wind. De vakbeweging heeft scholing dit jaar hoog op de agenda geplaatst. „Werkgevers praten aan de Haagse vergadertafels zoveel over het belang van scholing, dat ik had verwacht dat ze er ook aan de cao-tafels over wilde praten.” Ze heeft wel een suggestie. „Misschien moeten werkgevers vanuit centraal niveau meer aangespoord worden."

Verder kondigde de vakcentrale aan dit jaar te gaan experimenteren met het raadplegen van werknemers over de uitkomst van cao-onderhandelingen. Daarbij zouden ook niet-leden een stem mogen uitbrengen over het resultaat.