‘Duitsland moet harder optreden tegen terroristen’

Terroristen worden steeds inventiever, aldus de Duitse minister van Binnenlandse Zaken, dus moet de overheid meer middelen hebben om op te treden.

De vraag is sinds de aanslagen van 2001 actueel en verdeelt nu het Duitse kabinet. Hoe ver mag de overheid in de strijd tegen terrorisme gaan?

Minister van Binnenlandse Zaken, Wolfgang Schäuble (CDU), heeft het debat met omstreden voorstellen op de spits gedreven. Hij wil politie en veiligheidsdiensten nieuwe bevoegdheden geven om verdachte burgers in de gaten te houden. Terroristen worden inventiever in het gebruik van moderne technologie, aldus de minister, en de staat moet proberen daarmee gelijke tred te houden.

Schäuble wil pasfoto’s en vingerafdrukken centraal archiveren, computers op afstand online laten doorzoeken en tips laten natrekken van in het buitenland gemartelde verdachten. Ook wil hij in noodgevallen het leger inzetten voor binnenlandse taken – een heikel punt in Duitsland gezien het nazisme. Een aantal maatregelen vereist een grondwetswijziging.

De ideeën vielen slecht bij bewakers van de privacy. Ook coalitiepartner SPD vindt dat Schäuble met veertien nieuwe bevoegdheden voor de politie in zijn ijver een beetje doorschiet.

Deze week goot Schäuble olie op het vuur door zich in het weekblad Stern hardop af te vragen of het uitgangspunt dat een verdachte onschuldig is totdat het tegendeel is bewezen in de strijd tegen het terrorisme wel gehandhaafd kon worden. Het uitgangspunt „betekent in essentie dat we liever tien schuldigen niet bestraffen dan een onschuldige te bestraffen”, zei de minister. „Is het juist om te zeggen: ik laat liever tien aanslagen gebeuren, dan dat ik iemand, die misschien geen aanslag wil plegen, probeer te hinderen?”

Na deze opmerking wekte de SPD prompt de suggestie dat de grondwet bij Schäuble niet in goede handen is. De minister voor binnenlandse veiligheid is zelf een „veiligheidsrisico”, fulmineerde een SPD-parlementariër.

Christen-democraten spraken schande over wat zij als een hetze betitelden en stelden de kritiek gelijk aan smaad. Schäuble zelf reageerde verbolgen op de aantijging dat hij eigenhandig de grondwet wil bijslijpen.

Minister van Justitie, Brigitte Zypries, ook SPD, nam het voor Schäuble op. „Ik kan me niet voorstellen dat de heer Schäuble dat met deze scherpte heeft bedoeld”, zei ze over het gewraakte citaat. Ook wees ze erop dat het vermoeden van onschuld wel in het strafrecht geldt, maar hoe dan ook niet van toepassing kán zijn op de strijd tegen terrorisme. Over de nieuwe bevoegdheden voor het opsporingsapparaat is Zypries het hartgrondig oneens met collega Schäuble. Schäuble mag zijn voorstellen verdedigen bij Angela Merkel in de kanselarij.