Zorgen in Kamer over gevolg WMO

Kamerfracties maken zich zorgen over de manier waarop de thuiszorg sinds begin dit jaar openbaar wordt aanbesteed. De concurrentie die daarmee ontstaat, holt de positie van werknemers uit en verslechtert mogelijk de zorgverlening.

Dat bleek gisteren in een debat met staatssecretaris Bussemaker (Volksgezondheid, PvdA) over de Wet maatschappelijke ondersteuning, die per 1 januari geldt. De fracties van SP, PVV en GroenLinks zijn het meest kritisch. „De huishoudelijke verzorging is de nek omgedraaid”, stelde Kamerlid Agema (PVV). „Deze wet leidt tot minder zorg en verlies aan banen”, zei Kamerlid Kant (SP).

Ook de SGP heeft grote bedenkingen bij de aanbesteding maar wil er eerst over debatteren en mogelijk daarna aandringen op het stoppen van aanbestedingen. „De WMO had zo mooi moeten worden, maar mij zijn helaas te veel gemeenten bekend waar problemen zijn ontstaan”, zei Kamerlid Van der Vlies (SGP). Coalitiepartij de ChristenUnie was kritisch: „Ik heb de indruk dat de WMO toch de zorgkosten moet drukken”, zei Kamerlid Wiegman. „Als er minder aandacht is voor het vroeg signaleren van problemen, zal het zorgstelsel verschralen.” De PvdA wil eerst meer informatie hebben over de problemen in de praktijk alvorens een oordeel te vellen.

Met de WMO is markwerking in de thuiszorg gekomen. Commerciële zorgaanbieders moeten met elkaar concurreren.

Stuur uw ervaringen met de WMO naar wmo@nrc.nl