‘Ik had de stukken liever in de familie gehouden’

Vandaag worden de eerste 45 werken uit de Goudstikker-collectie in New York geveild. De erfgename wilde de stukken in de familie houden, maar heeft het geld nodig. „Ik heb er gemengde gevoelens over.”

Eigenlijk wil Marei von Saher-Langenbein niet met de Nederlandse pers praten. „Sommige media zijn zo negatief en naar geweest”, laat ze telefonisch vanuit haar huis een uur ten noorden van New York weten. „Dat hadden wij niet echt niet verdiend.” De schoondochter van kunsthandelaar Jacques Goudstikker doelt op de kritiek die ze de laatste jaren kreeg op haar streven om de door de nazi’s geroofde kunstcollectie terug te krijgen van de Nederlandse overheid.

Vorig jaar besliste de Nederlandse staat alsnog dat Von Saher recht had op 202 werken uit de Goudstikker-collectie. Ze besloot het merendeel van de schilderijen te veilen. De eerste van de reeks veilingen is vandaag, bij veilinghuis Christie’s in New York. De opbrengst van de gehele collectie wordt geschat op maximaal 80 miljoen dollar, 59 miljoen euro.

Uiteindelijk besluit Von Saher toch te praten – om geen enkele andere reden dan dat ze zo aardig is, zo geeft haar advocaat als verklaring. Het gesprek kan niet bij Christie’s plaatsvinden, dat ligt te gevoelig voor de erfgename. Ze komt wel aan de telefoon, samen met haar dochter Charlène en de vooraanstaande Amerikaanse kunstadvocaat Lawrence Kaye.

Die laatste grijpt regelmatig in. Als Von Saher vertelt dat ze „gemengde gevoelens” heeft over de veiling, omdat ze „de stukken liever in de familie zou hebben gehouden”. En als dochter Charlène toevoegt dat de eerste veiling „zeker een mijlpaal” is, maar dat het woord „overwinning” niet is gepast. Dan probeert advocaat Kaye de woordkeuze te neutraliseren: „Ik denk dat we vandaag het beste als ‘een veiling’ kunnen omschrijven.”

De collectie die Christie’s vandaag veilt, loopt uiteen van een Frans stilleven uit de negentiende eeuw tot Nederlandse oude meesters uit de vijftiende eeuw. Topstukken zijn Rivierlandschap met veerpont van Salomon van Ruysdael (verwachte opbrengst: tussen 3 en 5 miljoen dollar), Portret van Jean la Gouche door de Haarlemse schilder Johannes Cornelisz Verspronck (tussen 700.000 en 1 miljoen dollar) en een landschap van Philips Koninck (tussen 1,5 en 2,5 miljoen dollar).

Dat geveild moest worden, was al snel duidelijk. „We moeten onze verplichtingen afbetalen. We hebben tien jaar strijd gevoerd.” Von Saher doelt op de kosten voor advocaten en kunstdetectives. Hoeveel onbetaalde rekeningen er liggen, willen de Von Sahers niet zeggen. Maar de resultaten worden met spanning afgewacht. „Anders zouden we de kunstwerken niet veilen.”

Door de veiling dreigen werken die decennialang in Nederlandse musea hingen bij privéverzamelaars terecht te komen. Moeder en dochter Von Saher benadrukken dat zij de veilingen en de vijf voorafgaande kijkdagen ook als exposities zien. Christie’s heeft de toonzalen uitgerust met meubels uit de tijd van de werken en de zachte muurkleuren zouden overeenstemmen met Goudstikkers ruimtes in Amsterdam in de jaren veertig. „Dat is belangrijk voor ons”, zegt dochter Charlène. „Zo wordt zijn connaisseurschap benadrukt en wordt het voor ons nog emotioneler.”

Von Saher zegt te hopen dat musea meebieden en dat „Jacques’ schilderijen weer over de hele wereld te bewonderen zijn”. Ook al hebben musea maar zelden de financiële middelen om de stukken terug te kopen – diverse Nederlandse musea hebben om die reden gezegd af te zullen zien van biedingen.

Dochter Charlène: „Een museum zou een prachtige koper zijn. Dan heeft mijn familie de mogelijkheid de schilderijen te zien. Maar dat is nou eenmaal het risico dat we nemen.”

Advocaat Kaye: „Het woord ‘risico’ zou ik niet willen gebruiken”.

Charlène: „Sorry”.

Kaye: „De stukken worden verkocht. Net zoals Jacques Goudstikker dat deed. Daar is niets negatiefs aan”.

Von Saher: „Als mensen er maar van houden. Dat ze liefde voor de kunst tonen”.

Eerder dit jaar hebben moeder en dochter Von Saher „de handvol stukken die we in de familie wilden houden” uitgezocht. De potentiële waarde speelde daarbij geen rol, aldus Von Saher. Wat dan wel het criterium was? „De schilderijen moesten me aanspreken, me iets zeggen, me aan het glimlachen maken.” Zo koos de voormalige Holiday on Ice-schaatsster een winterlandschap met schaatsers van Jan van Goyen en een schilderij van de Italiaan Pietro Rotari met daarop twee meisjes. „Dat deed mijn moeder aan mijn zus en mij denken”, zegt Charlène.

Na de veiling van vandaag volgen later dit jaar veilingen in Londen en Amsterdam. Ook wil de familie als hommage een reizende expositie organiseren, langs drie of vier musea in verschillende landen. Wanneer dat moet gebeuren, is nog onbekend. De organisatie blijkt gecompliceerder dan gedacht, weet Charlène. Onduidelijk is welke werken worden tentoongesteld en of Nederland wordt aangedaan.

Von Saher: „Dat zou wel schitterend zijn. Denk je niet, Charlène?”

Dochter Charlène: „We weten het simpelweg nog niet”.

Morgen op de kunstpagina: verslag van de veiling. Info: www.christies.com/special_sites/goudstikker/