IJslandse ‘Woyzeck’ is bitter en hevig

Voorstelling: Woyzeck van Georg Büchner door Vesturport Theatre, Reykjavik. Gezien: 18/4 Muziektheater, A’dam. T/m 22/4 aldaar. Inl.: 020-6255455; www.gastprogrammering.nl

Op overweldigende wijze daalt de Tamboer-Majoor neer uit de hoogte van het Muziektheater. Hij zwiept aan touwen. Muziek van Nick Cave en Warren Ellis begeleidt hem. Donker, dreigend, ritmisch. In het Amsterdamse Muziektheater brengt het IJslandse gezelschap Vesturport Theatre een dramatische versie van Woyzeck, het explosieve toneelstuk dat de Duitse schrijver Georg Büchner in 1837 naliet.

Regisseur Gísli Örn Gardarsson vergelijkt de tekst met het rauwe materiaal van een muziekband. Deze IJslandse Woyzeck is een visuele uitbeelding van de donkerste driften en de meest helse angsten. Uit armoede levert titelheld Woyzeck zich over aan twijfelachtige medische experimenten. Het decor bestaat uit laboratoriumbuizen en waterbassins. Woyzeck hangt op zijn kop, zijn urine wordt onderzocht en hij wordt ondergedompeld tot het water zijn neus uit komt. Zijn geliefde Marie legt het aan met de Tamboer-Majoor, de oppermilitair. Dit zaait bij Woyzeck het gif van de jaloezie. In het origineel roept hij: „Er zit een ketting van bloedkoraal om je hals”; de bloeddruppels die Woyzecks mes in haar hals achterliet. Ze is dood. Hij blikt verbijsterd naar haar ontzielde lichaam.

In de voorstelling van het Vesturport Theatre miste ik deze poëzie. De radicale bewerking legt het accent op hevigheid. Woyzeck is voor hedendaagse regisseurs een geliefd stuk. Het is gevonden in losse scènes, en zowel als opera (Wozzeck van Alban Berg) als als toneelstuk nodigt Büchners theatrale testament uit tot experimenteerdrift. Dat jaloezie de kern is, verschuift hier naar de achtergrond. Een cruciale scène is die in de herberg: vrouwen zwieren er op dansmuziek. Woyzeck is buitengesloten. Ooit zag ik deze scène zo vormgegeven dat Woyzeck langs de herberg sloop en door raampjes naar binnen tuurde. In de IJslandse versie draaft Woyzeck draaft aldoor rond over het podium, vechtend met zijn waanbeelden en hersenschimmen.

Hoofdrolspeler Ingvar Sigurdsson imponeert als een door angsten bezeten man. Prachtig zijn de scènes in de bassins, waarin hij en Marie rondzwemmen, elkaar beminnen en zich voor elkaar verbergen. In datzelfde water vindt zij de verdrinkingsdood.

De IJslandse groep presenteert zich onder leiding van de regisseur als ‘zeer vernieuwend’, maar de vorm die zij kiezen is niet zozeer verrassend alswel naargeestig. Het mooiste is de voostelling wanneer het spel intimiteit vertoont, zoals tussen Marie en Woyzeck. Van mij had de stem van Nick Cave vaker mogen klinken, niet alleen bij de theatrale opkomst van de macho Tambour-Majoor, maar ook bij de liefdesscènes.