Exit Goudlokje, hier is Rosy

Alsof het een aflevering van de wereldkampioenschappen zwemmen betreft, regent het deze week records op de valutamarkt. Het Britse pond bereikte met een koers van boven de 2 dollar de hoogste waarde tegenover de Amerikaans munt in 26 jaar. De Japanse yen zakte tot recordlaagte ten opzichte van de euro. De Europese munt bereikte gisteren met 1,3616 zijn hoogste koers tegenover de dollar in twee jaar en lijkt hard op weg ook die barrière te nemen.

Deze recordwoede is een direct gevolg van de vergadering van de zeven grootste industrielanden afgelopen weekeinde in Washington. De G7 gaf niet meer dan de gangbare aandacht aan de wisselkoersen, terwijl handelaren hadden gehoopt op meer sturing. Toen die uitbleef gingen zij door waar zij gebleven waren: het opwaarderen van het pond sterling en de euro, en het afwaarderen van de yen en de dollar.

De rentemarkten geven de handelaren gelijk. Deze week bleek de Britse inflatie boven de 3 procent uitgekomen. Signaal voor de Bank of England: de rente kan verder omhoog. De Europese Centrale Bank is nog druk bezig met het normaliseren van haar rentes, zodat ook die nog een stukje omhoog kunnen. De Amerikaanse Federal Reserve blijkt zich intussen meer zorgen te maken over de economische groei dan over de inflatie, en zou juist een stap naar beneden kunnen nemen. En Japan wordt allerwegen op het hart gedrukt om Zirp (de zero interest rate policy) te handhaven omdat er de laatste maanden toch weer een lichte deflatie optrad. De euro en het pond hebben dus de steun van de rente in de rug, de dollar en de yen juist niet.

Dat de G7 er vooralsnog geen probleem mee heeft, kan te maken hebben met het zeer optimistische scenario voor de wereldeconomie dat het Internationaal Monetair Fonds (IMF) vorige week openbaarde. De wereld gaat zijn vijfde en zesde jaar van bovenmatige economische groei tegemoet, en dat is de meest gunstige periode sinds begin jaren zeventig.

De brombeer van de financiële markten, Morgan Stanley’s topeconoom Stephen Roach, moet weinig hebben van het collectieve optimisme. Iedereen loopt volgens hem ademloos achter Rosy Scenario aan, zoals hij het inmiddels heeft gedoopt. En Rosy zelf? Wist ze zelf maar waar ze naartoe ging. De risico’s voor de wereldeconomie mogen volgens het IMF dan in het afgelopen halfjaar zijn afgenomen, juist schokkende valutabewegingen kunnen de zo gekoesterde stabiliteit in gevaar brengen. Want toen haar optimistische voorgangster Goudlokje in 1999 op de beurzen voorbijliep, verdraaiden alle handelaren ook hun nek.

Maarten Schinkel