Chimpansees en hun voorouders zijn meer geëvolueerd dan mens

Rotterdam. Chimpansees en hun voorouders hebben onder grotere evolutionaire selectiedruk gestaan dan de mensen en hun voorouders. Dit blijkt uit een vergelijking van bijna 14.000 genen van beide zoogdiersoorten. Deze conclusie gaat in tegen de algemene opvatting dat de mens zijn unieke positie onder de mensapen (rechtoplopend, licht gebouwd, handige handen, groot brein, taalvermogen, bewustzijn) juist te danken heeft aan een grotere evolutionaire selectiedruk. De voorouders van de mens verlieten het woud voor de wijde wereld, terwijl die van de nabije soorten (gorilla, chimpansee, bonobo) bleven waar ze waren - maar kennelijk is dat evolutionaire verhaal niet zo eenvoudig. Dit schrijven genetici onder leiding van Jianzhi Zhang deze week in Proceedings of the National Academy of Sciences (online). Ze vergeleken bijna 14.000 genen die voorkomen bij chimpansee én mens, en gebruikten dezelfde genen van het resusaapje als hulpmiddel. Ze zochten naar genen die `positief geselecteerd` waren: zo veranderd dat het van nut is voor overleving van de soort. Bij de chimpansee voldeden 233 genen aan die eis, bij de mens 154. Bij de chimp was de selectiedruk dus groter. Chimpansees en mensen stammen af van een gemeenschappelijke voorouder die ongeveer zes miljoen jaar geleden leefde. De voorouders van de mens kregen zo`n twee miljoen jaar geleden een `moderne` lichaamsbouw.