Melkert: baas Wereldbank kreeg geen carte blanche

Ad Melkert, voormalige bestuurder van de Wereldbank en daar voorzitter van de ethische commissie, verwerpt aantijgingen dat deze commissie bemoeienis had met de voorwaarden waaronder de vriendin van Wereldbank-president Paul Wolfowitz gedetacheerd is buiten de bank. Dit laat Melkert schriftelijk weten aan deze krant.

D66 heeft het kabinet om opheldering gevraagd over de rol die Melkert heeft gespeeld bij de promotie van Wolfowitz’ vriendin Shaha Riza. Kamerlid Koser Kaya wil voor morgenmiddag van de ministers Bos (Financiën, PvdA) en Koenders (Ontwikkelingssamenwerking, PvdA) weten welke instructies de regering aan Melkert heeft gegeven als Nederlands bewindvoerder. Het Kamerlid overweegt een spoeddebat aan te vragen.

Wolfowitz kwam afgelopen weekeinde onder zware druk te staan om af te treden omdat hij zich persoonlijk had bemoeid met een forse salarisverhoging en detachering bij het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken van Riza die bij de bank werkzaam was toen hij daar in 2005 aantrad.

Uit vrijgegeven correspondentie tussen Melkert en Wolfowitz blijkt dat de ethische commissie, die optrad wegens een mogelijk belangenconflict, betrokken was bij de manier waarop Wolfowitz de zaak heeft afgehandeld.

Volgens Melkert gaat het hier om advies, en niet om instructies aan Wolfowitz. „Gegeven het mandaat van de commissie kon niet verwacht worden, en was het niet geëigend voor de ethische commissie, om enige betrokkenheid te hebben in de voorwaarden voor welk arrangement voor het personeelslid dan ook”, aldus Melkert. „Het was de beslissing van de president (Wolfowitz) om personeelszaken niet alleen persoonlijk te instrueren om de zaak op te lossen, maar ook om hem de voorwaarden te dicteren.”

Het advies van de ethische commissie om Riza te detacheren buiten de bank was „een poging om in goed vertrouwen tegemoet te komen aan Wolfowitz, en de Wereldbank te behoeden voor een aanhoudende en schadelijke discussie over het mogelijke belangenconflict” als zij zou aanblijven. „De heer Wolfowitz informeerde mij op 12 augustus 2005 dat hij besloten had dat het potentiële belangenconflict opgelost zou worden door het personeelslid (Riza) buiten de bank te detacheren. Nadat dit was geïmplementeerd stelde ik hem op de hoogte dat de ethische commissie de zaak gesloten achtte. Op geen enkel moment heeft de heer Wolfowitz of wie dan ook de ethische commissie op de hoogte gesteld van de arbeidsvoorwaarden.” Over latere anonieme e-mails met klachten over Riza’s salarisverhoging zegt Melkert dat de ethische commissie niet in de positie was daarover te oordelen . „Dat was de verantwoordelijkheid van het management.”