In 3D komen de Ninja Turtles pas echt thuis

TMNT (Teenage Mutant Ninja Turtles). Regie: Kevin Munroe. Met de Nederlandse stemmen van: Ewout Eggink, Stan Limburg, Rolf Koster, Laura Vlasblom. In: 79 bioscopen.

Laten we niet nostalgisch doen. Zo goed waren die drie Teenage Mutant Ninja Turtle-films die begin jaren negentig gemaakt zijn, niet. Noch de miniseries en de tekenfilms daarvoor en daarna over de vier tot mensachtige reuzen-ninja-schildpadden gemuteerde wezens die in de New Yorkse riolen wonen en Gotham van gespuis zuiveren.

De strip van Peter Laird en Kevin Eastman uit 1984 was gemaakt met een knipoog. Nu de schildpadden Leonardo, Michelangelo, Donatello en Raphael herboren zijn in deze met de computer geschapen film, is het alsof ze pas echt thuiskomen. De 3D-animaties hebben de juiste mix van realisme en fantasy. De grauwgroene turtles zien er rubberig genoeg uit om in te willen knijpen. Het is alsof je eigen kinderfantasieën tot leven komen en met de blik van een kind moet TMNT dan ook bekeken worden.

In een simpel, effectief en onderhoudend verhaaltje moeten de TMNT een soort voormythische monsters uitschakelen. Ze vechten alsof ze tijdens hun tienjarige winterslaap goed naar de Hong Kong-collectie uit de videotheek hebben gekeken, net als hun makers (die voor de helft in Californië en voor de helft in Hong Kong zaten). Het is meer ballet dan gevaarlijk.

Gevaar wordt alleen gesuggereerd door de duisternis van de beelden en de klatsbeng-soundtrack. Geen spoor van de ironie die zoveel gereanimeerde oude strips, series en films kenmerkt. Nou, even dan, als er gevochten wordt op de rockclassic Black Betty.