‘Hercules’ is vocaal een feest

Voorstelling: Hercules van G. F. Händel door de Ned. Opera o.l.v. Christopher Moulds. Regie: Luc Bondy. Gezien: 17/4 in het Muziektheater, A’dam. Herh.: t/m 10/5. Inl.: www.dno.nl

Na eeuwen van verwaarlozing zijn de opera’s van Händel niet aan te slepen. Hoewel hij er meer dan veertig schreef, worden tegenwoordig ook oratoria als opera geënsceneerd. Peter Sellars maakte in Glyndebourne een voorstelling van Theodora, de Nederlandse Opera brengt na Samson in 2003 nu Hercules in de enscenering van Luc Bondy – eerder te zien in Aix-en-Provence, Parijs en Wenen.

Zo’n Engels oratorium op het podium heeft voordelen boven de Italiaanse Händel-opera’s, met hun lange stroom aria’s, enkel duet en op zijn best een afsluitend ensemble. Hier zijn tal van koorpassages hoogtepunten in de voorstelling, zeker omdat ze voortreffelijk worden gezongen door het operakoor onder Matthew Halls.

Verder verschaft Händel hier een perfecte afwisseling tussen klaagzangen en woede-aria’s met een triomfmars en tegen het slot zelfs een waanzinscène. De enerverende openingsscènes van de derde acte behoren tot het beste dat de eerste helft van de 18de eeuw aan drama voortbracht.

Het verhaal gaat over de gruwelijke dood van de mythologische held Hercules, die sterft in een vergiftigd gewaad. Het is de wraak van Nessus die door Hercules is gedood. Het gewaad was Hercules door zijn vrouw Dejanira juist gegeven als gebaar van verzoening na haar aanvallen van jaloezie: Hercules nam na het verwoesten van de stad Oechalia prinses Iole mee als krijgsgevangene.

De drieënhalf uur durende voorstelling komt heel moeizaam op gang. Controverses genoeg, maar regisseur Bondy verzuimt lang die op scherp te zetten. Personages en koorleden verliezen zich te vaak in tamme en weinig betekenisvolle clichés. Ook de begeleiding van het orkest St. James’s Baroque kan markanter en steviger, maar de derde acte is uitstekend.

Het al te neutrale decor van de beroemde Richard Peduzzi – een grijze ruimte met een verwoest beeld van Hercules – helpt ook al niet. Net zomin als de slome kostumering en de quasi-actualisering: Hercules’ zoon Hyllus wil zijn vader gaan zoeken als backpacker met een landkaart. Het giftige gewaad komt uit een olievat.

Wat een verschil met vorige Händel-ensceneringen bij de Nederlandse Opera, zoals de visueel verbluffende Giulio Cesare van Karl-Ernst Herrmann en de dramatisch zoveel indringender ensceneringen van Alcina en Tamerlano van Pierre Audi.

Vocaal mag deze Hercules er echter zeker zijn met een evenwichtige cast op hoog niveau: Nathan Berg (Hercules), Ingela Bohlin (Iole) Ann Hallenberg (Dejanira), Ed Lyon (Hyllus) en Charlotte Hellekant (Lichas). En nogmaals: leve het koor! De uitzending op Radio 4 op 12 mei wordt een feest.