‘Niet iedereen kan zelfstandig blijven wonen’

Verpleeg- en verzorgingshuizen zijn soms zo oud dat ze staan te verkrotten. Of de deuren zijn te smal voor moderne rolstoelen. Maar renovatie heeft „geen prioriteit”. VWS wil dat ouderen juist zelfstandig blijven wonen.

Een bewoonster in verzorgingshuis De Westhoek in Zevenbergen kan met haar rollator geen kant op in haar krappe badkamer. Foto Joyce van Belkom Nederland, Zevenbergen, 17-04-2007 Mevrouw Martens-Vissers in haar kleine badkamer in verzorgingshuis De Westhoek in Zevenbergen. Foto:Joyce van Belkom Belkom, Joyce van

„Ik heb hier extra verzorgenden nodig om mensen naar de badkamer te helpen’’, zegt directeur Thea Schilder van verzorgingshuis De Werve in Breda. Ze probeert al sinds 2004 toestemming van het Rijk te krijgen om de badkamers in De Werve te vergroten en van een schuifdeur te voorzien, zodat bejaarden in een rolstoel makkelijker toegang hebben. Ook de toegangsdeur tot de appartementen moet worden verbreed om bedden te laten passeren.

De Werve is een gebouw in aangename jarendertigstijl met hier en daar nog glas in lood. Een 94-jarige bewoner zegt: „Het is hier fantastisch.” Maar hij zegt wel dat hij in de badkamer soms met zijn rolstoel vast komt te zitten. „Van de 51 bewoners zijn er hier 33 met een verpleeghuisindicatie”, zegt directeur Schilder. Juist daarom zijn volgens haar de aanpassingen nodig. De laatste renovatie dateert van 1979. Maar toen ging de provincie er nog over. Nu is het departement van VWS verantwoordelijk, terwijl de zorgkantoren (lees: zorgverzekeraars) een belangrijke stem hebben. Verzorgingshuizen moeten proberen hoog op de bouwprioriteitenlijst van VWS te komen om geld voor renovatie en vervangende nieuwbouw te kunnen krijgen.

Directeur Schilder kreeg uiteindelijk van het College Bouw zorginstellingen voor haar badkamers de indicatie ‘rood’ (= hoge prioriteit). Maar vervolgens kreeg ze van VWS bericht dat de termijn voor de bouwprioriteitenlijst was gesloten. Over twee jaar, bij de volgende ronde, moest ze het nog maar eens proberen. „Die lijst is een onding”, vindt Schilder. „Eens in de twee jaar. En dan moet ik nog maar afwachten of ik erop kom.”

Ook bestuursvoorzitter Becker Awad van Surplus – met verpleeg- en verzorgingshuizen in West-Brabant – wacht „in spanning af of we op de bouwprioriteitenlijst komen”. Twee verzorgingshuizen van Awad kregen ook de score ‘rood’. „Maar daar zijn er zo veel van”, zegt hij.

Bovendien heeft VWS intussen in een nieuwe ‘beleidsregel’ van 17 januari 2006 vastgelegd dat „de voorkeur uitgaat naar verdergaande zorg thuis”. Het realiseren van (vervangende) nieuwbouw van verzorgingshuizen heeft volgens de beleidsregel „geen prioriteit”. Wat dat in de praktijk kan betekenen merkte directeur Margriet Lesterhuis van De Wilgaerden, dat tien verzorgingshuizen en vijf woonzorgcomplexen in West-Friesland heeft. In de nieuwbouwwijk Bangert en Oosterpolder in Hoorn moet een woonzorgcentrum komen met daarbinnen 50 verzorgingshuisplaatsen ter vervanging van plaatsen die elders gaan vervallen. „Het verplaatsen van intramurale plaatsen staat ineens ter discussie”, zegt Lesterhuis. „Het zorgkantoor Noord-Holland-Noord zei een ‘andere visie’ te hebben. Ze zeiden: ‘Dat is niet ons beleid’.” Lesterhuis concludeert: „Intramuraal is op dit moment niet populair.” De discussie met het zorgkantoor loopt nog steeds.

Eerder deze maand waarschuwde vicevoorzitter Tom Vroon van het College Bouw zorginstellingen voor dreigende „verkrotting” van verzorgingshuizen, als onvoldoende geïnvesteerd wordt. Klassieke verzorgingshuizen blijven volgens Vroon nog jaren nodig, doordat woonzorgcomplexen traag van de grond komen en vanwege de toenemende vergrijzing.

Ook directievoorzitter Mariëlle Rompa van ActiZ (brancheorganisatie van de zorgondernemingen) zegt dat „de plaatsen in verzorgingshuizen hard nodig zijn”. „Er zit zeker een kern van waarheid in de klacht dat het moeilijk ligt bij VWS. De ervaring leert dat regelmatig toestemming voor investeringen wordt onthouden.”

Maar er is nog een reden dat verzorgingshuizen nodig blijven. Volgens Margriet Lesterhuis zal er altijd een groep ouderen zijn die niet de regie over hun eigen leven kunnen houden. „Ze vinden dingen als de administratie, huur betalen en koken al heel moeilijk. Deze groep is niet zelfredzaam, maar hoort ook niet in een verpleeghuis. Als er dan geen intramurale zorg is, vallen ze in een gat.”

Ook Thea Schilder van De Werve heeft die ervaring: „Als mensen zelfstandig willen blijven wonen is dat natuurlijk prachtig”, zegt ze. „Maar niet iedereen kan dat. De politiek realiseert zich dat te weinig.” Het beleid van VWS is volgens haar ook uit financieel oogpunt onverstandig. Zo is het verpleeghuiswerk dat De Werve doet „hartstikke goedkoop voor VWS”.

Pieter Pennings, lid van de bestuursraad van Stichting Land van Gelre en Gulick (vier verzorgingshuizen in Limburg) heeft het „gevecht” met het zorgkantoor achter de rug. Eind dit jaar hoopt zijn stichting te beginnen met renovatie van een tehuis in Swalmen. Pennings: „Het zorgkantoor zei: verzorgingshuizen, dat doen we niet meer. We hebben toen flink met onze vuist op tafel geslagen. Het was een moeilijke discussie.”

In Oosterhout kreeg bestuurder Geert Schreur (Stichting Bejaardenzorg Oosterhout) uiteindelijk het fiat van het zorgkantoor voor vervangende nieuwbouw. „We hebben geluk gehad”, zegt hij. „Ik heb bijna alle professoren geciteerd die iets in ons voordeel zeiden. Als verzorgingshuizen roeien we tegen de stroom in. .” Schreur vindt dat er verzorgingshuizen bij moeten komen wegens de komende grijze golf.

De zorgkantoren volgen het beleid van VWS, zegt woordvoerder Maike Krommendijk van brancheorganisatie Zorgverzekeraars Nederland (ZN). „Op basis daarvan adviseren wij. Een uitbreiding van een verzorgingshuis zal dus meestal een negatief advies krijgen.” Ze wijst er wel op „dat afhankelijk van de regionale situatie andere beslissingen mogelijk zijn”.

Staatssecretaris Jet Bussemaker (VWS, PvdA) vindt dat klassieke verzorgingshuizen moeten blijven bestaan „als mensen er zelf in willen wonen”. “Wie ben ik om te bepalen hoe ouderen moeten leven?” Over verzorgingshuizen die geen geld zouden krijgen om verkrotting tegen te gaan zegt ze: „Ik heb die signalen tot nu toe niet gekregen.”