Met één been in Brussel

Het Europees Parlement heeft er een nieuw gezicht bij: de Nederlandse Esther de Lange. Sinds donderdag is zij lid van de christen-democratische fractie in het Europees Parlement, de Europese Volkspartij. De Lange volgt Albert Jan Maat op, die voorzitter is geworden van de werkgeversorganisatie voor de agrarische sector, LTO. De Limburgse, geboren in Spaubeek, is geen onbekende in Brussel. Ze werkte een aantal jaar als beleidsmedewerker van Maat. De Lange (32) is in elk geval vast van plan de burger meer bij de Europese politiek te betrekken.

Hoe?

„Toevallig hoorde ik in dezelfde week dat ik europarlementariër kon worden dat ik voor het Europese concours was geslaagd. Dat is voorwaarde om als ambtenaar bij een van de Europese instellingen te kunnen werken. Wil ik ambtenaar worden in Brussel of ben ik liever politicus, vroeg ik me af. Ik heb bewust voor het laatste gekozen. Ik wil met één been in Brussel staan en met het andere in Nederland, juist om een brug te slaan. Ik wil een spreekuur gaan houden waar iedereen met vragen terecht kan. Britse politici doen dat ook. Daar kunnen we van leren.”

Waarom bent u gekozen?

„Ik heb als beleidsmedewerker de nodige ervaring met de Europese problematiek opgedaan. Ik stond in 2004 op de kandidatenlijst van het CDA en heb actief campagne gevoerd voor de parlementsverkiezingen. In de werkgroep landbouw van de CDA-jongeren heb ik als voorzitter ervaring met landbouw opgedaan, een terrein waarop Maat vooral actief was. Ook was ik nauw betrokken bij de campagne voor de Grondwet. Nederlanders zijn niet tegen Europa. Ik wil een constructieve dialoog voeren over wat Europa wél moet doen en niet bij alles ‘nee’ roepen.”

Wat bent u van plan?

„Ik wil me toeleggen op landbouw, de begroting en burgerlijke vrijheden. De Europese Commissie komt binnenkort met nieuwe wetgeving op het gebied van vaccinatie, terwijl het beleid altijd was: niet enten. Dat is dus opletten geblazen.”

Waarom?

De situatie waarbij in Nederland 26 gevallen van de ‘gekkekoeienziekte’ BSE werden ontdekt en er 285.000 dieren werden afgemaakt – die mag zich niet meer herhalen. Europa moet veel beter op zoiets voorbereid zijn. Ook op asielbeleid moeten we betere afspraken maken. Wie worden uitgezet, wie krijgen een visum? Wil je voorkomen dat landen problemen op elkaar afschuiven, is Europees beleid nodig.”