Limburg zoekt nieuwe Van Bommels

In Maastricht werd gisteren de Voetbal Academie Limburg gepresenteerd.

Regionale talenten moeten daar een extra kans krijgen om door te stromen naar de top van het profvoetbal.

Limburg bracht het afgelopen decennium gewaardeerde voetbalhelden voort – denk aan Zenden, Waterreus, Van Bommel, Ricksen en Hofland. Maar voor Servé Kuijer, voorzitter van Roda JC, was de oogst onvoldoende. Hij is de geestelijk vader van de Voetbal Academie Limburg, die veelbelovende regionale talenten een extra kans gaat bieden door te stromen naar de top van het profvoetbal.

De ambities van de academie, die gisteren werd gepresenteerd en wordt gesponsord door chemiereus DSM, zijn hóóg. Over tien jaar moet 50 procent van de contractspelers van de Limburgse eredivisieclubs (nu alleen Roda JC) uit de eigen jeugd voortkomen. Voor de eerste divisieverenigingen (nu VVV, MVV en Fortuna Sittard) ligt dat percentage op 75. Ter vergelijking: in de huidige A-selectie van Roda JC zijn slechts drie van de 24 voetballers in Kerkrade opgeleid.

De academie, een samenwerkingsverband tussen de vier provinciale profclubs, begint komende herfstvakantie met een pilot. Zestien jongens (15-16 jaar) met veel aanleg – elke vereniging mag er vier aanwijzen – krijgen jaarlijks veertig dagen lang onderricht. Het programma bestaat uit drie trainingskampen van zes dagen en 22 woensdagen. Initiatiefnemer Kuijer haastte zich gisteren te zeggen dat de deelnemende spelers bij hun club blijven, dat de trainers van de verenigingen bij het project worden betrokken en daar „hun voordeel mee doen”.

„Die veertig dagen zijn te kort”,zegt Kuijer, lid van de Raad van Bestuur van het Academisch Ziekenhuis Maastricht. „Je moet ze zien als zuurstofflessen, het echte werk doen de spelers thuis.” De Universiteit Maastricht werkt mee aan de programma’s, evenals het ziekenhuis, het CIOS en scholen. Verder leveren wereldkampioen polsstokhoogspringen Rens Blom en hockeyster Maartje Paumen een bijdrage en treden prominente Limburgse voetbaltrainers als Huub Stevens, Sef Vergoossen, Bert van Marwijk en Frans Körver als gastdocenten op.

Van Marwijk, die voor zijn Duitse avontuur coach was van Limburgse amateurclubs, Fortuna Sittard en Feyenoord, zei gisteren het als zijn plicht te beschouwen wat terug te doen voor het Limburgse voetbal, omdat hij daar veel aan te danken heeft.

Hij is ervan overtuigd dat de academie de uitverkoren jeugdspelers („de opleiding bij hun clubs is best goed”) iets extra’s kan bieden. „Ze krijgen de kans een training mee te maken van Stevens, Vergoossen en Körver, in een echt stadion. Ze maken gebruik van de kleedkamers van de selectie. Dat is toch kicken? En Mark van Bommel komt vast ook langs. Prachtig toch? Zeker, de jongeren moeten reizen voor de trainingen en oefenkampen. Dat moeten ze er voor over hebben. Ik moest vroeger veertig kilometer fietsen om te trainen bij Go Ahead.”

Hoofdsponsor DSM heeft zich voor vijf jaar aan het project verbonden, naar eigen zeggen met „een substantieel bedrag”, waarvan het de hoogte niet vrijgeeft. Kuijer: „Per talent wordt 11.000 euro per jaar geïnvesteerd. Club en speler betalen niks.” Kuijer vertelde ook dat de ‘cursus’ op de academie niet vrijblijvend is. Wie niet voldoet kan vertrekken, legde hij uit. En DSM wil na drie jaar „resultaten” zien. KNVB-preses Jeu Sprengers is voorzitter van de Voetbal Academie Limburg, waaraan vanaf 2008 drie groepen (13-14, 15-16 en 17-18 jaar) meedoen. De Limburgse voetbalfans zullen de Voetbal Academie Limburg nauwgezet volgen. Ze kijken uit naar opvolgers van Zenden, Waterreus, Van Bommel, Ricksen en Hofland. Eén ding weten ze zeker: het initiatief leidt niet tot FC Limburg, een fusie van de vier profclubs waarvan een aantal voetbalfans fervent voorstander is. Het emotionele verzet daartegen is nog steeds groot.

Wie in Maastricht FC Limburg zegt, krijgt een steen door zijn raam, zei een vooraanstaande Limburgse sportjournalist vier jaar geleden in NRC Handelsblad . En dat is niet veranderd.