In onbalans dansen op plateauschoenen

Op het Springdance Festival in Utrecht vervagen de grenzen tussen dans en beeldende kunst. De Turkse choreografe Aydin Teker werkt al lang met sculpturale beweging.

Plateauzolen van 40 cm: menig mannequin struikelt op de catwalk al over 15 cm, maar de vier dansers van de Aydin Teker Dance Company dansen er een uur lang op. De Turkse choreografe Aydin Teker had niet iets bijzonders met schoenen toen ze aan de choreografie aKabi begon. Aan de telefoon zegt ze zelfs nooit hoge hakken te dragen: „Ik weet wat voor desastreus effect hakken kunnen hebben op de anatomie van het lichaam. Geef mij maar comfortabele schoenen.”

De inspiratie voor haar schoenenchoreografie kwam dan ook toen Teker jaren geleden een voorstelling zag waarin een vrouw maar één schoen aanhad. „Die onbalans, het bewaren van evenwicht in haar bewegingen interesseerde me. Ik bestelde bij de schoenmaker plateauschoenen en ging in de studio op onderzoek uit.” Het zou uiteindelijk tweeënhalf jaar duren voor aKabi in 2005 klaar was.

Haar choreografie is nu te zien op het Spingdance Festival, dat morgen begint. Met haar 55 jaar is Aydin Teker een verrassende keuze van het festival, dat doorgaans ruimte geeft aan jonge makers. Maar haar werk loopt ze al lang vooruit op de conceptuele dans van Springdance, waarin de grens met de beeldende kunst en in het bijzonder de installaties vervaagt. Simon Dove noemt zich bijvoorbeeld sinds kort dan ook geen artistiek directeur meer van het festival maar ‘curator’.

aKabi is ook een grensgeval, want hoewel de dansers af en toe op minimale en langgerekte klanken bewegen, lijkt de choreografie te bestaan uit foto’s van Francis Muybridge. Met veel black-outs tussendoor wordt elke stap of beweging even bevroren in een ‘frame’. aKabi is een bewegend sculptuur en sculpturale beweging tegelijk. Een uur lang.

„Ik ben niet iemand die beweegt om te bewegen”, zegt Teker, en dat het tegen de beeldende kunst aanleunt is geen opzet. Het is wat er in mijn werk altijd gebeurt. Ik werkte het afgelopen decennium in allerlei ruimtes en ik wist dat dit in het theater opgevoerd moest worden.”

In aKabi, een onzinwoord overigens, spartelen de dansers op hun rug en komen ze kruipend langzaam tot staan. Zonder te verzwikken, zakken ze naast hun asymmetrische schoenen – van elk meer dan drie kilo.

Dat blok aan hun been biedt soms een komisch vervreemdend gezicht. Eén keer komt er vaart in het stuk, wanneer de dansers snel en synchroon in een groepsdans klossen. Maar meestal lijkt de tijd vertraagd door te tikken. Op zulke momenten is de aanspanning van een beenspier een grote verandering.

Teker danste zelf eind jaren zeventig in de Verenigde Staten, waar ze afstudeerde als bachelor Fine Arts. In haar thuisland richtte ze in 1992 haar eigen gezelschap op. Ze is hoofd van de moderne-dansafdeling van het conservatorium in Istanbul. Zonder subsidie deed ze onderzoek naar haar schoenenvoorstelling.

„aKabi is een stuk dat hoge eisen stelt aan de dansers. Onze spieren zijn niet ontworpen om op die schoenen te bewegen. In het begin had ik geen idee waar ik mee bezig was. We moesten allerlei oefeningen verzinnen om gewend te raken aan het bewegen op de schoenen. Het waren uiteindelijk de schoenen die ons vertelden wat we moesten en doen. Zij dicteerden onze mogelijkheden, de timing. Soms dacht ik, het is onmogelijk wat ik wil maar het waren de dansers die altijd door bleven zoeken en uitproberen.”

‘aKabi’: te zien op 25 en 26 april in het Huis a/d Werf, Springdance Festival, Utrecht (18 t/m 28 april). Info: (030) 2324120.