Documentaires, goed, maar drie is te veel

Het is ook nooit goed of het deugt niet. Zijn er avonden waarop men kreunend voor de televisie zit omdat er nergens iets te zien is, avonden waarop men hongert naar een fatsoenlijke documentaire of moppert dat de documentaire díé er is, pas om tien over half twaalf gaat beginnen, andere avonden zit men weer te zuchten dat het allemaal te veel is.

Zo’n avond was gisteravond. Nederland twee leek wel een documentaire-overschot te hebben dat dringend moest worden weggewerkt: drie documentaires op één avond, plus Nova. Het is blijkbaar niet de bedoeling dat iemand ook echt naar een bepaalde zender kijkt, want zo iemand is aan het eind van de avond geheel murw. Op zaterdag en zondag krijg je niets, documentair gesproken, en maandag is het: mondje open en slikken. Eeuwig zonde, want het was echt wel de moeite waard, alleen veel meer dan een normaal mens aan kan. Spreiding, spreiding, wij smeken u heren netwerkcoördinatoren! Of was dit expres, bij wijze van eerbetoon aan Ton van Dijk, tot voor kort netcoördinator van Nederland 2, om te laten zien dat zodra hij weg is alles meteen in het honderd loopt?

De VPRO was zowel op Cuba geweest als in Teheran, waar de documentairemakers zo ongeveer niets mochten, behalve een uitgebreid bezoek brengen aan de organisatie die toekomstige martelaren werft. Dat vonden ze zelf heel verbazend, hoe was het toch mogelijk dat het regime ze daar zo maar naartoe liet gaan? De tolk moest het voor ze uitspellen, maar misschien was dat een retorische truc: zou het kunnen zijn dat het regime het wel een goed signaal aan het Westen vindt om te laten zien dat alleen al in Teheran 60.000 mensen bereid zijn Salman Rushdie op te blazen of ‘zionisten’ om te brengen of Amerikaanse soldaten? Het hoofd van de wervingsorganisatie zei er nog bij, voor het geval een en ander toch niet helemaal goed begrepen zou worden, dat de martelarencultuur een effectief antwoord was op de militaire cultuur, omdat je met minder getrainde mensen grotere schade kon aanrichten. Dat wisten we al wel hoor, mevrouw. Maar toch is het griezelig zoveel vastberaden mensen te zien, die zijn gaan geloven dat ze sneller bij God zijn als ze op aarde nergens voor terugdeinzen.

Toch was de NCRV-documentaire De Besloten Groep, minstens zo intrigerend en leek ook die over een onbekende wereld te gaan. Je zag daarin jonge kinderen in De Horizon in Rotterdam, een gesloten instelling waar kinderen behandeld worden die, omdat ze nergens terecht konden, in gevangenissen opgesloten zijn geweest. Je bent in alle opzichten blij dat je die kinderen niet bent. Niet alleen omdat ze vaak erg moeilijke voorgeschiedenissen hebben, met verwaarlozing, mishandeling, agressie, maar ook omdat ze nu almaar toegesproken worden door hulpverleners die steeds bij alles wat ze doen en zeggen over hun gedrag praten. De kinderen zelf dreunen als ze vorderingen maken ook braaf op hoe ze zich gedragen moeten: „Als ik boos ben, ga ik niet slaan, maar dan vraag ik: ‘Kan ik over tien minuten met je praten want nu ben ik te boos’.” Het klinkt mechanisch, maar anderzijds: het werkt wel.

Toch is het naar om te zien. Het meisje Mina, een dikkig kindje dat zich verschrikkelijk voor zichzelf en haar familie schaamt, komt uit de gevangenis in De Horizon en de eerste met wie ze kennis maakt, is een coach die een kleinkrijggesprek begint. Als ze geen zin heeft in dat gesprek, bedreigt hij haar met straffen.

Volgende week deel twee. Hopelijk niet weer tussen twee andere documentaires in, maar dat was een vergissing. Toch?

Discusieer over deze column op www.nrc.nl/ogen