Zelfs de toppers klagen

Vijftig keer moest een ambulance uitrukken voor een deelnemer.

De watervoorraad schoot tekort op sommige posten in de Rotterdamse binnenstad.

Een enkeling foeterde of was ronduit boos over het staken van de Rotterdam Marathon wegens de hitte. Maar in meerderheid berustten de getroffen prestatielopers in het vergaande besluit van de organisatie, die het rond half drie niet langer verantwoord vond, omdat het kwik was opgelopen tot 27 graden.

Een verstandige ingreep, vonden ook de meeste deelnemers, die via een alternatieve route naar de opvangplek achter de finish op de Coolsingel werden geleid. „Er zijn nog marathons genoeg om te lopen”, zei André Meijerink uit Druten, een van het duizendtal dat tot opgave werd gedwongen.

Uiteindelijk werd vijftig keer een ambulance opgeroepen, werden 20 deelnemers naar het ziekenhuis vervoerd en moesten er tien worden behandeld voor uitdrogingsverschijnselen of warmtestuwingen. Drie lopers werden opgenomen wegens hartproblemen. Van twee was gisteravond de toestand stabiel, terwijl het derde slachtoffer werd geopereerd aan een vernauwing van de kransslagader. In alle andere gevallen volstond de eerste hulp in de EHBO-tent achter de finish of in een van de noodhospitalen die op voorhand waren ingericht.

Vanaf het moment dat werd besloten de marathon stil te leggen ontstond er een ongewoon beeld bij de finish, waar op de ene weghelft van de Coolsingel lopers in vele stadia van gelukzaligheid over de officiële eindstreep kwamen en op de andere weghelft gestrande recreanten via een inderhaast gecreëerde corridor van dranghekken zwijgend naar de plek werden geleid waar vrijwilligers klaarstonden met verkoelingen. Ze kregen een medaille en een bemoedigend woord, maar niemand was echt blij. „Eigenlijk is het zwaar kloten, want je hebt er lang voor getraind en sterk naar toegeleefd”, verwoordde Robert Hendrix uit Weert de gevoelens van die groep lopers.

Maar hij besefte dat marathondirecteur Mario Kadiks en burgemeester Ivo Opstelten van Rotterdam geen andere keus hadden. Want ook Hendrix had onderweg deelnemers met ambulances afgevoerd zien worden en vastgesteld dat bij enkele waterposten de voorraad bekers op was. Daardoor konden de laatkomers zich niet meer laven, wat noodzakelijk is om de marathon uit te kunnen lopen.

Kritiek die Kadiks weerlegde, omdat er volgens hem water in overvloed beschikbaar was. Er zouden 200.000 bekers en even zo veel sponzen zijn uitgedeeld. Die cijfers mogen kloppen, de realiteit was dat alle deelnemers die voortijdig de marathon moesten staken, beweerden dat er bij de drankposten geen voorraad meer was toen zij arriveerden. Volgens Joop Tomassen uit Ermelo was dat al het geval bij de eerste post na vijf kilometer. „Dat verwacht je niet in Rotterdam; ik vond dat slecht geregeld.”

Volgens Kadiks was staken onvermijdelijk, omdat het aantal uitvallers snel opliep en de groep slachtoffers van de hitte in omvang onbeheersbaar dreigde de worden. Kadiks: „We hebben een preventief besluit genomen en daarmee gekozen voor de gezondheid van de deelnemers.”

Volgens burgemeester Opstelten bestond er geen twijfel over de juistheid van het besluit „dat in twee minuten werd genomen.” Hij noemde de gezondheid van de lopers de belangrijkste reden, maar vertelde dat ook logistieke problemen aan het besluit ten grondslag lagen. Opstelten: „Op een goed moment is er geen materiaal meer beschikbaar om slachtoffers te vervoeren.”

Hoewel de groep recreatielopers bij hitte het kwetsbaarst is, was het gisteren ook zwaar voor de goed getrainde wedstrijdatleten. Zelfs de Kenianen klaagden over de ongebruikelijke weersomstandigheden in Rotterdam. Een van hen, Francis Kiprop, lag kort achter de finish zelfs minutenlang op het asfalt onder de verhoging die tijdelijk voor de persfotografen was opgesteld. Het was de enige schaduwrijke plek die de Keniaan zo snel kon vinden.

Ook voor Luc Krotwaar, die voor de zevende keer Nederlands kampioen werd en doorgaans goed presteert bij hoge temperaturen, was het gisteren te warm. Hij was van plan in Rotterdam onder de 2.10,00 te lopen om daarmee een nominatie voor de Olympische Spelen van Peking (2008) af te dwingen, maar op dat voornemen moest hij snel terugkomen. Kortwaar kwam uiteindelijk uit op 2.15,28, een tijd beneden zijn waardigheid. Maar toen hij finishte deerde dat hem minder dan het lot van de vele recreanten. „Ik vreesde dat er veel slachtoffers zouden vallen en ben blij dat de organisatie heeft ingegrepen”, zei de atleet, die met het oog op de voorspelde warmte in Rotterdam de laatste dagen vele uren in de sauna had doorgebracht.