Zachtaardige eenling

Kinderboekenillustrator Mance Post, vooral bekend door haar tekeningen bij werk van Guus Kuijer en Toon Tellegen, krijgt de Max Velthuijs-prijs voor haar gehele oeuvre.

De krekel uit het werk van Tellegen Illustratie Mance Post

Toen de illustratrice Mance Post vorig jaar de Zilveren Penseel kreeg, was een veel gehoorde reactie in de kinderboekenwereld: eindelijk! In haar loopbaan van bijna een halve eeuw was Post namelijk uitgegroeid tot de belangrijkste-tekenaar-die-nooit-een-prijs-kreeg. Nu krijgt zij de Velthuijs-prijs 2007, de ‘P.C. Hooftprijs’ voor Nederlandse illustratoren van kinderboeken die dit jaar voor het eerst is toegekend.

Mance Post (Amsterdam, 1927) is vooral bekend als illustrator van het werk van Guus Kuijer en Toon Tellegen. Voor de Madelief-boeken van Kuijer maakte Post in de jaren zeventig realistische potloodtekeningen van kinderen en volwassenen, zoals zij die ook maakte voor het werk van andere auteurs. De dierenverhalen van Tellegen illustreerde zij vanaf de jaren tachtig met linoleumprenten. „De sprong die zij heeft gemaakt in techniek en stijl is heel gedurfd en echt uniek”, zegt tekenaar Thé Tjong-Khing.

Post belichaamt in de wereld van de illustratoren de traditie en het vakmanschap. Tekenlessen kreeg zij van de vermaarde illustrator Piet Klaasse, die onder veel anderen ook Tom Eyzenbach en het echtpaar Schubert heeft opgeleid. „Mance benadrukt in gesprekken ook het ambachtelijke van haar werk”, vertelt tekenaar Marit Törnqvist: „Dan zegt ze: ‘Ik heb even een buurman binnengehaald, aangekleed en nagetekend’. Natekenen is zij sowieso lang blijven doen.”

Dat laatste maakt haar potloodtekeningen heel levensecht, maar zonder plat realisme. „Mance tekent heel erg invoelend, dicht op de belevingswereld van het kind. Haar potloodtechniek is heel mooi – de variatie in zwart en grijs geeft de tekeningen iets lichtvoetigs”, zegt Tjong-Khing. Törnqvist zag als kind de illustraties die Post kwam laten zien aan haar moeder, de schrijfster Rita Verschuur: „Ik vond ze zo poëtisch, zo zachtaardig – ik werd erdoor gegrepen.”

Törnqvist (1964) ziet de invloed van Post in haar eigen werk terug: „Onder meer doordat we beiden nooit ver van het realisme zijn afgeraakt.” Verder heeft Post niet veel school gemaakt. Philip Hopman (1961): „Ik ben opgegroeid met haar werk, maar ik ben net als veel van mijn collega’s vooral beïnvloed door Thé Tjong-Khing , van wie velen van mijn generatie ook les hebben gehad.” Ook de jury’s van de Penselen negeerden de eenling Post totdat ze vorig jaar de Zilveren Penseel kreeg voor Midden in de nacht van Toon Tellegen.

Dat boek is geïllustreerd met de linoleumprenten die ze al twee decennia maakt voor de dierenboeken van Tellegen. „Mance Post en ik praten veel maar overleggen doen we niet”, zegt Tellegen. Behalve één keer: „In Midden in de nacht had ik een verhaal met een aardmuis. ‘Die is niet tekenbaar’, zei ze. ‘Welke muis wel?’, vroeg ik. De hazelmuis. Toen heb ik er een hazelmuis van gemaakt.”

De prenten met de scherpe contouren en de diepe zwarten spreken net als de verhalen van Tellegen ook veel volwassenen aan. „De linoleums hebben Post zichtbaar gemaakt”, zegt Törnqvist. „Als ze in potlood was blijven tekenen had ze misschien nooit een prijs gekregen..”