Warm en weemoedig Motel Mozaïque

Het Rotterdamse festival Motel Mozaïque was dit weekeinde deels geïnspireerd door muziek uit de laatste halve eeuw.

In de lobby van de Rotterdamse schouwburg, centrum van het festival Motel Mozaïque, verrijst een archaïsche speelhal. In een hokje van spaanplaat staan houten speelautomaten, vorm flipperkast. Op deze ambachtelijke apparaten kunnen prettig prehistorische computerspellen als Galaxy, Pong en Pac-man worden gespeeld. Een handvol dertigers verdringt zich voor deze sprong terug in de tijd.

Low Tek Arcade van kunstenaars Ties ten Bosch en Gert-Jan van den Akerboom vat het onuitgesproken thema van deze editie van Motel Mozaïque samen: nostalgie. Overal kwam het terug, in het programmaboekje werden minstens tien acts omschreven als traditioneel of ‘typisch jaren vijftig, zestig of zeventig’.

Maar ook in de lieve, warm melodieuze liedjes van The Bees, die teruggrijpen op The Beatles, The Beach Boys en The Byrds. En bij de normaal zo brutaal vuilbekkend babbelende Jamie T., die opeens alleen zichzelf begeleidde op akoestische gitaar. Zonder hippe beat blijft er opvallend weinig van zijn luie praat-zang over, en met zijn eentonige, amelodieuze geram op de gitaar joeg hij in hoog tempo grote groepen fans Off Corso uit.

Bij het schattige Belgische succesbandje Fixkes verwijzen zo’n beetje alle songteksten naar vroeger, de tijd vóór de mp3-speler, de tijd van Commodore en van verkering vragen. In hun Stabroekse dialect is dit ‘ik vraag het aan’. Kvraagetaan is de titel van hun single, binnenkort ook in Nederland.

De Belgen, die onlangs tekenden bij Excelsior, maken zoete, onschuldige liedjes, bijpassend hees-zacht gezongen door het kleine opdondertje Sam Valkenborgh. Met Flip Kowlier zijn ze al vergeleken, en met Jack Johnson, hoewel ze vooral dankzij de energieke drummer Jan Valkenborgh, tevens broer van, ietsje feller klinken.

Nostalgie leek op Motel Mozaïque ook te zijn: escapisme. Er was veel verlangen naar een fijnere tijd: van eenvoud en onschuld. Het aandeel freakfolkartiesten en CocoRosie-navolgers was groot. Bunny Rabbit, Larkin Grimm en Stephanie Dosen bijvoorbeeld, bewegen zich nadrukkelijk in dezelfde kinderlijke fantasiewereld van de prettig gestoord zingende zusjes.

De Rotterdamse rapper Tim, van V.S.O.P, blijkt wél met beide benen stevig in het harde, aardse heden geplant. Op Perron Mozaïque, een fantastisch aangeklede, grootstedelijke locatie rond het ongebruikte metrostation Hofplein spuwt Tim in plat Rotterdams zijn felle kritiek op maatschappij, politiek, Balkenende en Bush. Tientallen mensen zijn hier in de stralende zon samengedromd op een knalpaarse stalen stellage die hoog uitsteekt boven de overwoekerde treinrails.

Schokkend aards, pijnlijk en plastisch is de theatersolo Cobain, van Wunderbaum-acteur Matijs Jansen. In een vijftal scènes verplaatst Jansen zich respectievelijk in Kurt Cobain, Courtney Love en Nirvana-bassist Kris Novoselic. Jansen kan verbaal veel fysiek ongemak oproepen, waarbij hij zijn toeschouwers kastijdt met kots, bloed, stront en vruchtwater.

Maar hij last ook heel ingetogen, tragische momenten in, waarbij hij sober een paar sombere Nirvana-nummers ten gehore brengt. Antwoorden komen er niet, wel een droevig besef van hoe een leven soms lijkt voorbestemd tot een tragisch, voortijdig eind. Hier is geen ontsnapping mogelijk.

Vergeten kon op vrijdag weer heel goed bij !!! (‘chk chk chk’), de opzwepende gitaarpunkfunkband rond de energiek swingende Nic Offer, die door alle inspanning al gauw deels zijn stem kwijt was. Hoewel Offer met zijn theatrale pasjes op de grens van enthousiasmerend en ergerniswekkend balanceert, garandeert !!! een geweldige show, die het feestelijke hoogtepunt van het weekend was.