Ketting: symfonie in twintig minuten

Concert: Radio Filharmonisch Orkest o.l.v. Jaap van Zweden. Gehoord: 14/4 Concertgebouw Amsterdam. Radio 4: 17/4 20.02.

Opmerkelijk is nu al de ontstaansgeschiedenis van de Vierde symfonie van Otto Ketting, zaterdag in wereldpremière gegaan tijdens de Matinee. Ketting zegt dat hij – met enige spijt – besloot om in het orkest geen houtblazers toe te laten, een keuze die voortkwam uit het feit dat hij moest afzien van het werk voor kamerorkest dat hij oorspronkelijk in gedachten had.

Kettings zo’n twintig minuten durende Vierde symfonie werd uiteindelijk een eendelig stuk voor symfonieorkest zonder houtblazers, maar met koperblazers, slagwerk, harp en celesta. ‘Eénkleurig’ heette het stuk ook al vooraf, maar dat is overdreven. De zeven onderdelen die ik onderscheidde contrasteren wel degelijk in klank, expressie, sfeer en tempo.

In zijn zeer succesvolle Derde symfonie (1990) nam Ketting een Adagio op met vrijwel letterlijke citaten uit de adagio’s uit de symfonieën nrs 9 en 10 van Mahler – Ketting vindt Mahler onontkoombaar in ons land. Ook nu herinneren passages aan Mahler: de dodenmars-achtige opening (zo typerend voor de vroege Mahler), de lyrische vioolsolo (Symfonie nr 4) en het etherisch wegdrijvende slot met de zacht klingelende celesta, net als in Das Lied von der Erde.

Ketting zorgt zo met tal van andere associaties voor een Mahler-update, ook met quasi- vroege minimal music van Philip Glass. Het is allemaal welluidend en onderhoudend, al zit het grote gebaar vooral in de subtiele detaillering.

De Vier letzte Lieder van Richard Strauss werden gezongen door Anne Schwanewilms, dè Strauss-sopraan van dit moment. In de eerste liederen bleek ze niet optimaal gedisponeerd: àl te luide en wat hoekige hoge uithalen. Maar in Im Abendrot werd uiteindelijk op exquise wijze de perfectie bereikt: prachtige lange noten, toch nog expressie in de dictie en een fraai wegstervend slot, effectvol gedirigeerd door Jaap van Zweden.

Schuberts Negende symfonie werd door Van Zweden in vlotte tempi ontdaan van alle zware laatromantiek die daarop meestal wordt geprojecteerd. Deze Schubert klonk transparant, licht en stralend.

Het Residentie Orkest geeft vrijdag en zondag in Den Haag het zelfde concertprogramma met dirigent Claus Peter Flor en sopraan Eva Maria Westbroek, maar zonder de symfonie van de Haagse componist Otto Ketting.