Ja, betalen minister! M’n kind heeft polio

Ouders mogen zelf bepalen of ze hun kind laten inenten tegen polio en mazelen.

Vrijheid is een groot goed, maar de gezondheid van kinderen verdient voorrang.

Waar begint het algemeen belang, waar eindigt individuele vrijheid? Die vraag staat centraal in allerlei actuele discussies, van het boerkaverbod tot de verplichte taaltoets voor peuters, van abortus tot euthanasie. Ook bij het vaccineren van burgers speelt de vraag een belangrijke rol. Mag iedereen zelf weten of hij wordt ingeënt tegen infectieziekten als polio, mazelen en rodehond? Of mag de overheid vaccinatie verplicht stellen ten behoeve van het algemeen belang?

Sommige orthodox-christelijke gemeenschappen staan om principiële redenen afwijzend tegenover vaccinatie. Zij zien vaccinatie als een ontkenning van de goddelijke voorzienigheid. En uit een recent rapport van de Gezondheidsraad over vaccineren blijkt dat er in Nederland ook andere groepen zijn die vaccinatie afwijzen vanwege hun levensovertuiging. Onder sommige antroposofen en hoogopgeleide ouders heerst de mening dat vaccinatie schadelijk kan zijn voor het opgroeiende kind.

Laatstgenoemde groepen wonen, anders dan veel christelijke weigeraars van vaccinatie, in het algemeen niet in clusters bij elkaar. Daardoor bestaat onder die groepen niet zo gauw het risico op de uitbraak van een epidemie. Maar, schrijft de Gezondheidsraad, problemen kunnen zich wel relatief snel voordoen op antroposofische scholen. Clusters van niet-gevaccineerden verhogen v in Nederland het risico op de verspreiding van polio, mazelen en rodehond.

Uitgangspunt bij Nederlandse vaccinatieprogramma’s is de autonomie van de burger. De overheid beperkt zich tot het adequaat informeren van burgers, opdat zij vervolgens in staat zijn zelf te kiezen. Die opstelling van de overheid verandert pas zodra de burgerautonomie uitmondt in een geringe vaccinatiegraad, waarbij de collectieve bescherming tegen bepaalde infectieziekten zou wegvallen. Dus uitsluitend in uitzonderingssituaties moet het individu wijken voor het collectief belang. Als een niet-gevaccineerd individu dan alsnog een besmettelijke ziekte oploopt, geldt het principe ‘eigen schuld dikke bult’.

Maar geldt dat principe ook bij minderjarigen van wie de ouders principieel tegen vaccinatie zijn? Volgens de Gezondheidsraad wordt zonder dwang al voldoende vaccinatiegraad bereikt, ook onder kinderen. Dwang is voor dit doel dan ook niet te rechtvaardigen, stelt de Raad.

Dat is merkwaardig. Moreel uitgangspunt moet immers zijn, dat een ernstige ziekte voorkomen moet worden. Dat is in het belang van ieder kind en daar behoort iedere ouder voor op te komen. Wanneer de ouders dat niet doen, om wat voor reden dan ook, dan dient de overheid daar regels voor op te stellen. Het draait hier opnieuw om het spanningsveld tussen het algemeen belang en autonomie. Maar over wiens autonomie hebben we het dan? De autonomie van het kind of de autonomie van de ouders?

Er zijn grenzen aan wat ouders mogen beslissen. In de klinische praktijk wordt meestal pas ingegrepen als ouders een concreet en groot risico voor hun kind vormen door bijvoorbeeld een levensreddende ingreep te weigeren. Als we dat vertalen naar vaccinatie, zou er waarschijnlijk alleen ten tijde van een epidemie een basis bestaan om vaccinatie af te dwingen.

Dat standpunt verdient heroverweging. De mogelijkheid van een besmetting, dichtbij of veraf, is voldoende om vaccinatie tegen een ernstige ziekte als polio verplicht te stellen.

Er is op dit terrein een schone taak weggelegd voor onze minister voor Jeugd en Gezin André Rouvoet (ChristenUnie). Deze zal toch niet wensen dat kinderen het slachtoffer worden van de weigering van de overheid om met een relatief beperkte ingreep groter leed bij kinderen te voorkomen? En stel dat de overheid –of de nalatige ouders – ooit aansprakelijk gesteld worden door een kind met polio? Dat moet voorkomen worden, ook al gaat dat ten koste van de individuele vrijheid.

Hans Akveld is emeritus hoogleraar gezondheidsrecht en Bert Hermans is universitair hoofddocent gezondheidsrecht. Beiden bij de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Lees het rapport van de Gezondheidsraad op www.gr.nl