De toestand in de jazz

„Wat gebeurt er als je een blues omgekeerd speelt? Dan doet je auto het weer en komt je liefje terug. Dat is, vind ik, een geslaagde mop, die je kunt toepassen op de jazz in Nederland. Je kunt de toestand uiterst somber schetsen maar ook tamelijk optimistisch, afhankelijk van het perspectief dat je kiest en je definitie van wat jazz is.”

Gitarist Jan Kuiper (1957) groeide op met popmuziek en speelde als tiener covers van Led Zeppelin. Via platen van Steely Dan en Miles Davis ontdekte hij de jazzmuziek. In ’85 won hij de Podiumprijs voor nieuw jazztalent waarna hij optrad met het Podium Trio, het World Groove Project, de Jungle Warriors, Five Great Guitars en The Super Quartet. Zijn zeldzaamste gitaar wordt momenteel gebouwd door Willem Heins uit Sneek; een India-gitaar met zes nylon melodie- en zestien metalen resonantiesnaren onder de toets.

„Wat somber stemt is dat het SJIN-circuit van vroeger, waar je tegen een gegarandeerd minimum-bedrag kon optreden, ineengeschrompeld is en economisch niets meer voorstelt. Sinds de vrije markt regeert, zijn er in het Noorden waar ik woon, nog maar twee echte jazzpodia en in de rest van Nederland is de situatie nauwelijks beter. Dat steeds meer groepen het in het buitenland zoeken is dus begrijpelijk. De vraag is wat ze verdienen met die fraaie tournees door Panama of Oesbekistan? Ik durf niet te zeggen hoe weinig ik kreeg voor een tournee door de Baltische staten.

„Toch ben ik tamelijk optimistisch. Je kunt als jazzmuzikant in Nederland best je brood verdienen maar dan moet je er veel voor doen. Ik zit drie ochtenden per week achter de computer om contacten te leggen en projecten te organiseren. Ik voel me af en toe meer zakenman dan muzikant.

„Maar het levert wel iets op. Ik heb net veertig voorstellingen achter de rug in het VSCD-circuit, het netwerk van schouwburgen en theaters. Onder de kop Five Great Guitars, een formule die ik zo’n tien jaar geleden heb bedacht: een handvol gitaristen laat horen wat er qua improvisatie zoal mogelijk is. Ik noem het ‘jazz met een strik erom’. Het repertoire staat vast en er is een prachtig programmaboekje waar men thuis nog eens in kan kijken. De laatste vijf concerten trokken zo’n 900 man per avond, een veelvoud van wat er in een jazzclub opdaagt.

„Dat ik nu toch weer ‘heavy jazz’ in jazzclubs ga spelen heeft puur te maken met het feit dat ik de leden van The Super Quintet zulke leuke speelmakkers vind. Want commercieel gezien is het bijna zelfmoord; met name saxofonist Davis Murray vraagt zo veel dat de band voor veel kleine clubs onbetaalbaar is. „Mijn aanvankelijke plan om de groep elk jaar uit te breiden – ik had James Carter en Courtney Pine al in gedachten – heb ik dus moeten laten schieten. Dit wordt de laatste Super-serie. Wel heb ik een fantastisch nieuw orkest: The Bald Boys Big Band, twaalf Nederlandse muzikanten en allemaal volledig kaal.

„Kleinschaligheid heeft ook aantrekkelijke kanten. Ik speel elk jaar één keer in café Mulder in Groningen onder de bekende knusse condities; de drummer op het biljart, ik bij de wc, spelen maar. Geen hond weet wie je bent, de betaling is slecht maar het heeft iets: spelen wat je op dat moment te binnen schiet voor een publiek dat je kunt aanraken.”

Tournee: The Super Quintet met David Murray, Craig Harris, Jamaaladeen Tacuma en Calvin Weston: 20 t/m 27/4. Laatste cd’s: Urban Yogi, World of Strings, meer info op www.jankuiper.com. Eigen festival: Ruigeland Festival op 9/6 in het NAM park bij Grijpskerk (Gr). www.ruigeland.nl