Nul procent vet, maar 30 procent winstmarge

Grote voedingsbedrijven proppen de supermarkten vol met ‘gezonde’ producten: vezels en calorieënafbrekers. Veel claims zijn zwak onderbouwd. „Het bedrijfsleven slaat op hol. Marketeers zien de snelle winst.”

Waarder, 14 april. - Knap dat zuivelbedrijf Campina minister Gerda Verburg van Landbouw wist te strikken om zijn nieuwe melk te promoten. Afgelopen donderdag molk de boerendochter voor tientallen camera’s een van de 140 koeien van boer Vollering in het dorp Waarder (bij Woerden). In vijf minuten had ze bijna acht liter melk in haar emmer. Nóg gezondere melk, roept Campina in zijn grootste reclamecampagne ooit. In deze nieuwe melk zitten betere vetten – onder meer gezonde omega-3 vetten.

Fabrikanten en supermarktbedrijven overspoelen al enkele maanden de markt met nieuwe producten die de gezondheid van de consument zouden bevorderen. Supermarktbedrijf Albert Heijn gaat in zijn folders de gezondere (light)producten afbeelden en de regionale keten Vomar introduceerde vorige week de Balanskip – met minder verzadigd vet. Bedrijven doen moeite een van de vele gezondheidslogo’s op hun verpakkingen te krijgen, zoals ‘Ik kies bewust’. AH verkocht vorig jaar van producten waar zijn eigen gezondheidslabel ‘Klavertje Vier’ op stond 23 procent meer, terwijl de rest van het assortiment 9 procent groeide.

Na de lancering raakte in februari Optimel Control uitverkocht, de drinkyoghurt van Campina die de eetlust zou afremmen. Per week werden een miljoen flesjes verkocht. Ondanks een verdubbeling van de productiecapaciteit in maart zegt Campina dat zijn fabriek de vraag nu „maar net” kan bijbenen. Red Band introduceerde vorige maand snoep met 30 procent minder suiker. Ander voorbeeld van de hype: Maggi bracht vorige week een persbericht uit waarin werd verteld dat het een bouillonblokje heeft ontwikkeld met 33 procent minder zout. Moederconcern Nestlé had alvast een mooie titel bedacht voor dit nieuws: ‘Minder zout is het nieuwe light’.

Gezondheid verkoopt. Eind vorig jaar bleek uit onderzoek van Erasmus Food Management Instituut dat 77 procent van de Nederlanders bereid is geld neer te tellen voor functional food: voeding die is bewerkt zodat die bijvoorbeeld minder vet, calorieën en suiker bevat of waar ingrediënten aan zijn toegevoegd, zoals vitamines, bacteriën en voedingsvezels. Twee jaar daarvoor zei slechts 36 procent van de Nederlanders interesse te hebben in dit soort voeding. Het komt ook doordat onderzoekers en overheid vaker wijzen op de gevaren van ongezond eten.

„Het bedrijfsleven is op hol geslagen”, zegt Frans Kok, hoogleraar voeding en gezondheid aan de Wageningen Universiteit. „Al die fancy flesjes met stellige beweringen dat het goed zou zijn voor je gewicht, weerstand, hersenen of nachtrust. Veel gezondheidsclaims zijn onvoldoende onderbouwd. De marketingafdelingen in de voedingsindustrie hebben blijkbaar het laatste woord. Aan gewone zuivel is geen droog brood meer te verdienen. Marketeers zien nu duidelijke mogelijkheden voor snelle winst.”

Dat ondernemingen als Danone en Campina goede zaken doen met gezondheidsproducten, betwisten ze niet. Topman Tiny Sanders zei vorige maand bij de bekendmaking van de jaarcijfers dat Campina vrijwel niets verdient aan standaard melk en yoghurt: misschien een cent per liter. Op producten van Optimel (Control of met 0 procent vet) zitten marges van 30 tot 40 procent, zei hij. Het succes van Vifit (voor betere darmflora) en Optimel heeft de resultaten van Campina in 2006 gered, vertelde Sanders. De Franse zuivelgigant Danone zit op dezelfde winstniveaus, laat directeur Nederland Niek van Exel weten: „Deze winstmarges zijn significant, maar ons onderzoek kost ook veel geld.”

Hoogleraar Kok is niet erg onder de indruk van dat onderzoek. De belangrijkste producten van Danone zijn Actimel, Activia en Vitalinea en zouden de darmwerking verbeteren. Dat is goed voor de weerstand van het lichaam en stoelgang. „De claim over een betere weerstand is zwak onderbouwd en voor een goede darmpassage bereik je met voldoende groente, fruit en volkorenbrood hetzelfde resultaat.”

Kok heeft ook kritiek op Unilever. Het concern beweert dat twee flesjes Knorr Vie gelijk staan aan de dagelijks door het Voedingscentrum aanbevolen hoeveelheid groente en fruit. „Maar hoe groot is de variatie in bioactieve stoffen zoals de vitaminen, mineralen en anti-oxidanten?” vraagt Kok zich af. „Heeft die gemalen substantie dezelfde werking als de oorspronkelijke vezels? Dat is niet voldoende onderzocht.”

De Rotterdammers hebben commentaar ter harte genomen op hun margarine Blue Band Idee. Unilever suggereert dat de toegevoegde omega-3 vetten ervan positief uitwerkt op de intellectuele ontwikkeling van kinderen, maar volgens Kok heeft onderzoek dat nooit aangetoond. Het concern zwakt zijn bewering binnenkort af tot „bevat belangrijke voedingstoffen voor de hersenen”. Niet meteen, want eerst moeten de oude etiketten op. Kok is niet tegen al die gezondheidsproducten van de industrie, maar vindt dat de meeste gezondheidswinst is te behalen met betere vetten en minder calorieën, suiker en zout in voeding. „Claims vereisen wetenschappelijke onderbouwing”, vindt Kok. „Anders verlies je uiteindelijk het vertrouwen van de consument.”

Het Voedingscentrum ziet ook voordelen als fabrikanten vitaminen, omega-3, bacteriën en vezels toevoegen, omdat veel Nederlanders slecht eten: te weinig groente, fruit, volkoren producten en vis. Eet je gezond, dan zijn die potjes en flesjes overbodig, zegt een woordvoerder. „Als je vis vies vindt, kun je pillen of voeding met toegevoegde omega-3 vetten nemen. Wij geven de voorkeur aan twee keer vis eten per week. Bovendien is goed eten goedkoper dan dure gezondheidsproducten.” Het Voedingscentrum zet vraagtekens bij gewichtscontrolerende voeding.

Het Voedingscentrum heeft deels gelijk, meent Van Exel (Danone). „Vaak komen mensen niet toe aan gezond eten of beweging. Dan helpen onze producten. Voedsel is tegenwoordig zo schoon, dat in darmen sommige bacteriën niet meer voorkomen, zodat de weerstand lager is. Bacteriën in onze producten verhogen de weerstand. Sinds ik het zelf eet, ben ik nooit ziek geweest.” Danone kritiseert op zijn beurt onder andere Optimel Control en het pas gelanceerde Yakult Bifiene. „Sommige fabrikanten bedenken iets waarbij een verhaal is gemaakt. Het grote gevaar is wildgroei. Dan zien consumenten door de bomen het bos niet meer.”

Vorig jaar kwam Europese regelgeving tot stand die bedrijven gebiedt aan voorwaarden te voldoen als ze gezondheidseffecten voorspiegelen. Uitwerking laat op zich wachten. Hoogleraar Kok vreest dat er binnenkort zoveel producten zijn dat Brussel nauwelijks in staat is om ondeugdelijke gezondheidsclaims een halt toe te roepen. Volgens hem zijn regels hard nodig: „Wat er nu gebeurt, mag niet doorgaan. Het is nu echt ontspoord.”

Rivaal Friesland Foods komt nog deze maand met een antwoord op de nieuwe melk van Campina, maar roffelt niet op de trom zoals de marktleider: met een minister, ex-schaatster Barbara de Loor en leerlingen die honderden ballonnen oplaten. „Omdat er 1,5 procent vet in halfvolle melk zit, is het gezondheidseffect van de nieuwe melk te verwaarlozen”, meent een woordvoerder van Friesland Foods. „Prima dat Campina er een nummer van maakt, maar wij hebben besloten dat niet te doen.” Reden dat Campina er een nummer van maakt is dat de nieuwe melk naar schatting een cent extra winst per liter oplevert: ruwweg een verdubbeling van de winst die het bedrijf maakt op zijn melk.

Nadat minister Verburg de gasten bij boer Vollering heeft uitgezwaaid, zeggen managers van Campina bij hoog opgestapelde strobalen dat zij alleen consumenten proberen te helpen gezonder te eten. „De overheid roept al tientallen jaren dat iedereen veel meer groente en fruit moet eten, maar het lukt gewoon niet”, ziet innovatiemanager Rolf Poelstra van Campina.

Onderzoeksdirecteur Toon van Hooijdonk vindt de campagne rond zijn melk niet overdreven. Later dit jaar komt van deze melk ook kaas, boter, vla en yoghurt op de markt. „Als iemand dan alleen zuivel van Campina koopt, eet hij 3 procent minder verzadigde vetten.”