Hoe het de boerenzwaluw steeds moeilijker gemaakt wordt

Vogeltrek is een van de grootste gebeurtenissen in de dierenwereld. Kester Freriks over het dubbelleven dat ‘onze’ broedvogels leiden

In herfst en winter zijn de nesten van de boerenzwaluwen leeg op de boerenerven. Maar dan. Het voorjaar breekt aan en de Nederlandse broedvogels keren terug naar ons land. Niet alleen de boerenzwaluw, natuurlijk ook fitis, tjiftjaf, ooievaar, huiszwaluw, goudvink, boomvalk, kiekendief. En nog veel meer. Elk najaar vertrekken een paar miljard vogels uit Europa naar het voedselrijke Afrika om ginds de noordelijke winter door te brengen.

Zwaluwkenner Bennie van den Brink uit Noordeinde tussen Kampen en Elburg groeide op met de boerenzwaluw. Als kleine jongen vroeg hij zich af waar de zwaluwen 's winters zijn als het platteland zo ‘zwaluwloos’ is. De nesten zijn leeg. De vogelboeken geven slechts summier antwoord: „Overwintert in Afrika ten zuiden van de Sahara. Keert in het voorjaar terug.”

De spreekwoordelijke terugkeer van de zwaluw komt in de Nederlandse poëzie en literatuur in overvloed voor. Onlangs schreef Ton Lemaire over de zwaluw in zijn fantasierijke vogelstudie Op vleugels van de ziel. De Amerikaanse ornitholoog Robert Burton onderzocht in Vogeltrek de oorzaak, gevaren, kunde, geheimen, oriëntatie, winterverblijven en de langverwachte terugkeer van broedvogels. Het verhaal van de Noordse stern, de kampioen onder de trekkers, spreekt het meest tot de verbeelding. Deze vogel verlaat in het najaar de bevroren noordelijke oceaan om na 20.000 kilometer vliegen het antarctische pakijs te bereiken. In het voorjaar keert de stern weer terug.

onze tuinfluiter

Nieuwsgierigheid naar vogeltrek, de natuurscène bij uitstek, brachten zowel de Amerikaan Burton als de Nederlander Van den Brink naar de overwinteringsgebieden. Hoe overleven de vogels daar? Wat doen ze? Burton toont foto's van ‘onze’ tuinfluiter in een exotische omgeving. Voor vogelliefhebbers is dat een wonderlijke ervaring. De vogels fluiten ginds om een territorium te verdedigen, net zoals hier. Burton gaat zelfs zover zich af te vragen of we wel kunnen spreken van Europese boerenzwaluwen en niet van Afrikaanse boerenzwaluwen.

Interessante vraag. In elk geval is de Hirundo rustica een broedvogel van het noordelijk halfrond. Van den Brink vond antwoord op zijn vragen in landen als Botswana, Nigeria en Ghana. Hij bezocht slaapplaatsen van een miljoen of meer boerenzwaluwen in moerasgebieden waar ze neerstrijken in metershoog olifantsgras. Een van de mogelijkheden om de vogeltrek te ontraadselen is het ringen van de vogels en terugmeldingen te verzamelen. Van den Brink, in het bezit van een ringvergunning: „Ik had vogels in Nederland geringd maar uit Afrika krijg je zelden of nooit meldingen. Dus besloot ik het andersom te doen: in Afrika ringen en in Nederland de ringen aflezen”.

Van den Brink is mede door Vogelbescherming Nederland aangesteld als onderzoeker. Een van de zorgen is dat de zwaluw in Afrika tot voedsel dient. Mannen tonen in de dorpen vol trots de duizenden gevangen exemplaren. In samenwerking met studenten van de plaatselijke universiteit zijn projecten begonnen om deze vangst te voorkomen en andere voedselbronnen te genereren, zoals het kweken van vissen of een varkenshouderij te beginnen. Van den Brink: „Het is lastig uit te leggen dat de zwaluw in Nederland een beschermde vogel is die zelfs op de Rode Lijst staat.”

broedende zwaluwen

Bij vogeltrek horen gevaren. Toch is trek noodzakelijk voor instandhouding en versterking van de soort. Er zwiepen weleens met storm trekvogels de Atlantische Oceaan over. Die beginnen dan elders een nieuw leven. Het lijkt de arke Noachs wel. De grootste zorg geldt echter de Nederlandse situatie. Door aanvechtbare hygiënemaatregelen moeten boerderijen als bastions met gaas, vogelschroot (een plank die vogels belemmert onder dakpannen te nestelen), dichte deuren en wat niet al afgeschermd worden jegens broedende zwaluwen.

Ik stel me de boerenzwaluwen voor die maandenlange afwezigheid terugkeren in Nederland. De nesten waaraan ze trouw zijn, vaak broedseizoenen lang, zijn plots onbereikbaar. Ze treffen tal van ontzielde, kale bedrijventerreinen aan, waar nog geen dakgootje scheef zit om een nest te bouwen. Trekvogels gebruiken ook visuele oriëntatie. Zullen zij waarnemen dat langs de Nederlandse snelwegen Rijkswaterstaat een grootscheepse, onverantwoorde bomenkap en opschoning is begonnen, zelfs in het vanouds beschermde voorjaar?

De kettingzaag lijkt ons nationale symbool. Bomen zorgen voor insekten en insekten zijn de voedselbron, net zoals boerderijen de broedplaatsen vormen. Bennie van den Brink: „Ook boeren kunnen een vuist maken. Zwaluwen zijn als insectenvangers nuttig in het platteland, in het ecologische systeem.” Open de stal- en schuurdeuren zoals vroeger, laat kapotte raampjes zoals ze zijn, maak eens schuine balken voor de nestgelegenheid. Kortom: wees gastvrij voor onze reizigers en broedvogels uit het verre zuiden. Anders wordt Nederland net zoals in de winter ‘zwaluwloos’.

Website: www.boerenzwaluw.nl