De lezer schrijft over Nederlandse dollars voor politici

Boven het artikel over de Political Action Committees (PAC’s) in de Verenigde Staten (NRC Handelsblad, 7 april) stond ‘Nederlandse dollars voor republikeinen’ en ‘Nederlandse steun voor Amerikaanse politici’. Beide koppen zijn apert onjuist. Het gaat niet om Nederlandse dollars en niet om bedrijfssteun. Onze – Shell – algemene beleidsuitgangspunten zijn daarover helder: Shellbedrijven doen geen betalingen aan politieke partijen, organisaties en hun vertegenwoordigers. Zoals we uw correspondent hebben laten weten gaat het hier – en ik spreek voor Shell – om bijdragen van Shell-medewerkers in de Verenigde Staten, werkzaam bij Shell Oil. Amerikaanse staatsburgers dus, die op vrijwillige basis een bijdrage leveren aan een door hen aan te wijzen politicus of partij. Er zijn in de VS volgens de toezichthouder Federal Election Commission (FEC) meer dan 1.700 PAC’s actief. Deze donaties zijn wettelijk toegestaan net zoals ook in Nederland elke burger geld kan storten op de politieke partij van zijn keuze. Deze donaties worden gerapporteerd aan de FEC en zijn volledig transparant. Bovendien blijkt uit het artikel dat employés van de bedrijven die u heeft bestudeerd, geld geven aan Republikeinen én Democraten.

De koppen geven een wending aan het verhaal die onjuist is. Het maken van stemming rond politieke activiteiten vind ik niet verstandig en ik acht dat NRC Handelsblad onwaardig.

R.Willems

President-directeur Shell Nederland BV

De krant antwoordt

Het bericht van afgelopen zaterdag over grote Nederlandse ondernemingen die in de Verenigde Staten financiële steun geven aan de Republikeinen, was bedoeld om een interessante ontwikkeling te signaleren, niet om ergens schande van te spreken. In de VS is het bedrijven toegestaan op deze manier politieke partijen te ondersteunen. Wat het bericht interessant maakt, is dat de meerderheid van de steun naar de Republikeinen gaat. Het is ook opmerkelijk omdat er in Nederland strengere regels bestaan voor steun aan politieke partijen: ze mogen hier giften ontvangen van personen en bedrijven tot een maximum van 25.000 euro per jaar van één gever.

De berichtgeving van onze correspondenten was gebaseerd op informatie van het Center for Responsive Politics. Dat is in de VS dé onafhankelijke autoriteit inzake de rol van het geld in de politiek. Het Center legt in zijn publicaties een direct verband tussen giften van zogeheten Political Action Committees en de bedrijven die deze PACs hebben opgericht. Ook het PAC van ‘Shell Oil’ wordt zo gepresenteerd, met als ‘country of origin’ The Netherlands. Zoals in het achtergrondstuk werd gemeld, staat een PAC formeel los van een bedrijf. Diverse bronnen plaatsen deze formaliteit in perspectief: hoogleraar Clyde Wylcox van Georgetown University zei: „Het bedrijf betaalt de overhead en de directie stelt de manager van het PAC aan”; vertegenwoordigers van bedrijven benadrukken de strategische waarde van hun PAC en researcher Doug Weber van het Center verklaarde dat een PAC veelal onderdeel is van de campagnestrategie van bedrijven. Zo worden de PACs bestuurd door werknemers van de betrokken onderneming en bepalen zij wie geld krijgt. Dat werd beaamd door ABN-dochter LaSalle. Er is dus voldoende reden om een direct verband te leggen.

Shell is voor publicatie gevraagd om commentaar en benadrukte, zoals ook in het artikel staat, dat het als bedrijf losstaat van het PAC. Daarop heeft Doug Weber, de researcher van het Center for Responsive Politics, op ons verzoek nog eens bekeken hoe dat met Shell zit. Zijn bevindingen: „De officiële naam van het PAC luidt: Shell Oil Company Employees Political Awareness Committee. De treasurer (kassier) gebruikt een e-maildres van Shell. De oprichtingsakte verbindt het PAC met Shell.” Verder zei de woordvoerder van Shell tegen onze correspondent dat het PAC van Shell kandidaten steunt „die de organisatie helpen floreren”. Een bevestiging van Webers eerdere stelling dat een PAC onderdeel is van de campagnestrategie van het bedrijf.

De bekritiseerde koppen zijn beide juist. Het ging om Nederlandse dollars: in de artikelen gaat het niet alleen om Shell maar een reeks Nederlandse bedrijven die in de VS actief is. Zodoende is er sprake van Nederlandse steun. De term bedrijfssteun komt in de artikelen niet voor. Uit de kop op de voorpagina bleek dat vooral Republikeinen steun van Nederlandse bedrijven ontvangen. Dit geldt zeker voor het Shell PAC: 87 procent van het geld ging naar Republikeinen.

Birgit Donker Hoofdredacteur

Reacties: www.nrc.nl/lezerschrijft

Nieuwe kwesties:

lezerschrijft@nrc.nl