De angst is terug op de Kaap in Rotterdam

Net nu de gemeente investeert in de opbouw van het ‘nieuwe’ Katendrecht, wordt het schiereiland in Rotterdam geplaagd door criminaliteit. „Die gasten hebben geen moraal.”

Rotterdam, 14 april. - Kun jij De Kaap aan? schreeuwt een billboard bezoekers van de Rotterdamse wijk Katendrecht tegemoet. De reclametekst, bedoeld om nieuwe bewoners te werven, heeft ongewild een wrange ondertoon gekregen, nu het schiereiland even ten zuiden van de Nieuwe Maas de afgelopen weken is opgeschrikt door een reeks van misdrijven: moord, overvallen en berovingen.

Farrokh Samadi durft ‘De Kaap’ zeker aan. Al drie keer is de eigenaar van Sigarenboer Katendrecht overvallen sinds hij anderhalf jaar geleden zijn deuren opende. Maar van wijken wil hij niet weten. „Ik heb nog niets verdiend en zou niet weten waar ik naartoe zou moeten”, zegt hij, staand in zijn dichtgespijkerde winkel in de Rechthuislaan. „De verzekering vergoedt de ruiten niet meer, dus dan maar hout en tralies voor de ramen.”

Bang zegt Samadi niet te zijn, ook al dateert de laatste beroving van amper twee weken geleden. „Maar elk moment van de dag houd ik rekening met wéér een gewelddadige overval.” Van de toonbank grist hij twee poststukken: een ansichtkaart met bemoedigende woorden van de fractieleider van de Rotterdamse PvdA, Peter van Heemst, én een nota voor het dichttimmeren van zijn winkel. „Bedank meneer Van Heemst als u hem ziet, maar vraag hem meteen waar ik 410 euro vandaan moet halen om deze rekening te betalen.”

Samadi is niet de enige middenstander in de voormalige rosse buurt van Rotterdam die getroffen is door de recente reeks van geweldsmisdrijven. Die begon met de moord, begin dit jaar, op een Dominicaan in de buurt van het beruchte nachtcafé Maras aan het Deliplein. „De angst is terug op De Kaap”, constateert voorzitter Ben van de Wevering van de Katendrechtse bewonersverenging. „Mensen blijven ’s avonds liever binnen, bang om die groep losgeslagen jongeren tegen het lijf te lopen.”

‘Die groep’ bestaat volgens de politie uit minimaal dertig, voornamelijk Antilliaanse jongeren, maar ook Dominicaanse, van wie de helft van buiten Katendrecht komt. Meedogenloos gaan zij te werk. „Precies zoals de districtschef het deze week omschreef: bepaald geen basketbalclubje”, zegt Van de Wevering, die verheugd is dat de wijk dinsdag werd uitgeroepen tot ‘veiligheidsrisicogebied’. Met die maatregel gaf burgemeester Ivo Opstelten gehoor aan een motie van Van Heemst, die onder meer aandrong op preventief fouilleren.

Dertig rechercheurs heeft de gemeente vrijgemaakt om de lokale buurtagent bij te staan bij het bestrijden van de misdaad op de landtong in de deelgemeente Feijenoord. Maar of dat genoeg is? „Als ze onze noodsignalen eerder serieus hadden genomen, hadden ze door preventief te surveilleren een hoop ellende kunnen voorkomen”, schampert Van de Wevering. Van Opstelten kreeg hij donderdag tijdens een bliksembezoek de garantie dat de problemen binnen twee maanden zijn opgelost.

Dat is nodig ook, volgens Van de Wevering, want vooral het onbezonnen gedrag van de overlastgevers baart de vierduizend bewoners zorgen. „Die gasten hebben geen enkele moraal. Om acht uur ’s avonds komen ze bijeen, om drie over acht bedenkt er één dat het wel aardig is een overvalletje te plegen en twee minuten later staan ze met een pistool te zwaaien. Heel impulsief, jongens met zeer korte lontjes.”

Katendrecht is een beruchte buurt in Rotterdam-Zuid, die dit jaar zijn 809-jarige bestaan viert en daarmee ouder is dan de stad (1299) zelf. De sporen van het vooroorlogse Chinatown, een van de grootste van Europa, zijn nog zichtbaar. Van de Wevering (47) woont al zijn hele leven ‘op’ De Kaap. „Zeg of schrijf nooit ‘in’, want dan gaat een Kapenees steigeren.” Hij maakte de ruige jaren mee in de multiculturele wijk (55 procent niet-westerse allochtonen), vanaf het einde van de jaren zestig toen „de Haagse penose hier regeerde” en de buurt in de volksmond Kaap Kut heette. En ook de daaropvolgende periode van relatieve rust vanaf midden jaren tachtig.

Tien jaar geleden kwam de ommekeer. „Wie te veel verdiende moest de wijk uit, met als gevolg dat 30 procent gedwongen moest vertrekken”, vertelt Van de Wevering. „Daar kwamen mensen voor in de plaats die vervallen woningen accepteerden, waarvan de eerste tachtig geïnteresseerden zeiden: liever niet. Nou, dan weet je het wel.” Met een korte rondleiding langs enkele verloederde panden onderstreept hij later zijn verhaal. „Onbeheersbare chaos, dit moet weg.”

Dat gebeurt dan ook in veel gevallen, als onderdeel van een grootscheepse renovatie van de wijk, waar in totaal 1.600 nieuwe woningen worden gebouwd nu de zuidelijke kade volledig is vrijgekomen. Met de projecten Parkkwartier en Laankwartier, 140 smaakvolle koopwoningen pal aan het water, moeten tweeverdieners uit het centrum naar Katendrecht worden gelokt. Het grootste pronkstuk arriveert begin volgend jaar, wanneer de SS Rotterdam, het voormalige vlaggenschip van de Holland Amerika Lijn, aanmeert op de kop van Katendrecht. Een loop- en fietsbrug met de Wilhelminapier moet de renaissance van De Kaap bezegelen.

Vraag is in hoeverre de geweldsgolf de ambitieuze plannen doorkruist. Rob Groote Bromhaar, projectleider van de Dienst Stedenbouw en Volkshuisvesting, zegt zich geen zorgen te maken. „Katendrecht is en blijft een aantrekkelijke plek om te wonen. Over belangstelling hebben we dan ook niet te klagen. Het is hip en hot, te vergelijken met opgeknapte wijken als De Pijp in Amsterdam of Lombok in Utrecht.”

Ook Van de Wevering ziet de toekomst zonnig in. Hij wil de criminaliteit niet bagatelliseren, maar stelt vast dat zijn buurt óók gebukt gaat onder wat hij grijnzend „broodje Kaap-verhalen” noemt. „De kracht maar tegelijkertijd de zwakte van Katendrecht is dat het een schiereiland is. Enerzijds is er veel sociale controle en saamhorigheid, anderzijds dringen geluiden van buitenaf soms nauwelijks door. Daardoor gaan mensen hun eigen werkelijkheid creëren.”