Blomstedt dirigeert prettige Beethoven

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Herbert Blomstedt met Yefim Bronfman (piano). Gehoord: 13/4 Concertgebouw, A’dam. Herh.: 15/4 aldaar. Radio 4: 15/4, 14.15u.

Tachtig wordt hij dit jaar, maar Herbert Blomstedt is net als Harnoncourt (77) en Haitink (78) een dirigent bij wie leeftijd geen rol speelt. Bij het Concertgebouworkest leidt Blomstedt – die met vooroorlogse hoffelijkheid nog musici vooraan de hand schudt – dit weekend een passend Duits romantisch programma. Blomstedt is geen dirigent voor kervende pathetiek of parmantige eigenzinnigheden, hij is een vakman van zeer zuivere soort, zoals bleek in zowel Beethoven als Brahms.

De fijnzinnigheid die Concertgebouworkest, dirigent Pletnev en pianist Arcadi Volodis vorige week bereikten in Rachmaninov, werd gisteravond in het Pianoconcert nr. 1 van Beethoven met solist Yefim Bronfman niet steeds geëvenaard. Blomstedt koos voor een ‘authentieke’ opstelling, met de tweede violen rechts, maar verder was zijn Beethoven vooral prettig conventioneel; klassiek en fris in het openingsdeel, allengs romantischer. De echte stormachtigheid kwam van de solide spelende Bronfman, die aan het slot van de kolkend virtuoze cadens zelfs even helemaal van zijn kruk loskwam.

Brahms Vierde symfonie is voor Blomstedt al decennia vertrouwd repertoire, wat niet alleen bleek uit het feit dat hij zonder partituur dirigeerde. Met het orkest richtte Blomstedt zich vooral en vrijuit op het smeden van de klank, al trok in het slotdeel ook een uiteengerafelde koraalpassage de aandacht. Brahms Vierde kan zwoeler en enerverender klinken; Blomstedts aanpak was markant en coherent, met een volle, ouderwetse tutti-klank.