Verkiezingen Nigeria zijn vrij noch eerlijk

Het zijn de grootste verkiezingen ooit gehouden in Afrika – en misschien ook wel de belangrijkste. Nigeria gaat morgen en volgende week naar de stembus.

Een pindaverkoper in Lagos, bij posters van vicepresident Atiku Abubakar, van wie nog altijd niet duidelijk is of hij mee mag doen aan de presidentsverkiezingen. (Foto Reuters) A boy selling peanuts stands in front of a wall plastered with election posters for presidential hopeful Atiku Abubakar in Nigeria's commercial capital Lagos, April 12, 2007. Africa's top oil producer and most populous nation will hold elections on April 14 and 21, which should lead to the first transition from one elected leader to another since independence from Britain in 1960. REUTERS/Finbarr O'Reilly (NIGERIA) REUTERS

Lagos, 13 april. - De volkrijkste natie van het continent –140 miljoen inwoners – kiest morgen voor parlementen en gouverneurs van de 36 deelstaten en volgende week zaterdag voor het nationale parlement en de president. Grof geweld en manipulatie kenmerken het verkiezingsproces in Nigeria, de hoop op een eerlijke gang naar de stembus lijkt vervlogen.

Nigeria heeft sinds in 1999 de militaire machthebbers naar hun kazernes terugkeerden een democratie, maar de verkiezingen verlopen vrij noch eerlijk. Fraude en intimidatie bepaalden de herverkiezing in 2003 van president Olusegun Obasanjo. Leden van de nationale verkiezingscommissie van toen zeggen nu dat „vermoedelijk één derde van de uitslag fictie was”. Bij alle verkiezingen sinds de onafhankelijkheid in 1960 werd gefraudeerd en ten minste twee keer leidde dat tot militair ingrijpen. Er staat veel op het spel en Obasanjo probeert met de verkiezingen zijn opvolging te regelen.

Samen met Zuid-Afrika heeft Obasanjo de afgelopen jaren internationaal het initiatief genomen Afrika uit de blubber van de armoede en het nepotisme, wanbeleid en corruptie te trekken. Meer dan honderd buitenlandse reizen maakte hij de afgelopen jaren en hij staat goed aangeschreven in Washington, Londen en Peking. Zijn aanzien buiten Nigeria als „trekpaard van het continent” staat in scherp contrast met zijn impopulariteit in Nigeria zelf. In eigen land staat hij bekend als arrogant en grof. Aanvankelijk belichaamde hij de overgang van militair naar burgerbestuur, maar toen hij twee jaar geleden de grondwet wilde wijzigen om langer aan de macht te blijven kwamen de politieke elite en de burgers in opstand.

Zijn grootste tegenspeler werd vicepresident Atiku Abubakar. Volgens een in 1999 afgesproken draaiboek had de noorderling en islamiet Abubakar de zuiderling en christen Obasanjo moeten opvolgen. Abubakar leidde de campagne tegen zijn baas om diens ambtstermijn te verlengen en toen de Senaat vorig jaar Obasanjo’s pogingen om aan te blijven had geblokkeerd moest Abubakar daarvoor boeten. Onderzoek van de officiële anti-corruptie organisatie, de Economische en Financiële Misdaden Commissie (EFCC), leverde bewijzen op dat Abubakar 145 miljoen dollar uit de staatskas zou hebben gestolen. De vicepresident werd uit de regeringspartij gezet en hem werd verboden aan de verkiezingen mee te doen. Rechtbanken vaardigden de afgelopen weken tegenstrijdige vonnissen uit over zijn recht kandidaat te staan, maar de naam van Abubakar staat nu niet op de stembiljetten voor de 64 miljoen kiezers.

De anti-corruptiecommissie EFCC werd een belangrijk instrument bij de verkiezingen. De commissie oogst wijdverspreid lof wegens de voor Nigeria unieke inspanningen om de gigantische corruptie te bestrijden: zeker vijf miljard dollar aan zwart geld werd teruggevorderd en vijf gouverneurs werden afgezet. Onder invloed van de regering gaat de commissie echter uiterst selectief te werk. Van de 36 gouverneurs werden er 31 aangeklaagd – allen felle tegenstanders van de president. De notoir corrupte Goodluck Jonathan stond aanvankelijk op het lijstje van aangeklaagde gouverneurs, maar werd daarvan verwijderd nadat Obansanjo hem verkoos tot kandidaat voor het vicepresidentschap. Obansanjo’s gedoodverfde opvolger Umaru Yar’Adua bleef ook gespaard.

Op economisch gebied voerde Obansanjo in zijn tweede ambtstermijn belangrijke hervormingen door. Op macro-economisch gebied lijkt Nigeria weer gezond. De president zegt zijn hervormingen te willen waarborgen, daarom wil hij zijn opvolger aanwijzen en controleren en moeten beruchte corruptie politici het veld ruimen. Dat is misschien ook wel de reden waarom de verkiezingen gepaard gaan met opmerkelijk veel geweld. Vanochtend kwam een moslimleider om bij een aanslagin de noordelijke stad Kano.

Bij alle verkiezingen sinds de onafhankelijkheid vielen doden. Dit keer zijn echter al meer dan tweehonderd mensen gedood door verkiezingsgeweld. Dat ligt duidelijk boven het gemiddelde. Er zijn bomaanslagen gepleegd, partijkantoren gingen in vlammen op en prominente politici werden vermoord. Politici zetten werkloze jongeren in als voetsoldaten om tegenstanders te intimideren. Volgens kleine berichtjes in de krant vallen er dagelijks doden, alleen bij grote veldslagen blijkt dit nieuws de voorpagina’s waard.

De politie heeft 80.000 wapens extra, waaronder 40.000 kalasjnikovs, gekregen voor de verkiezingen. De regering verklaarde gisteren en vandaag plots tot vakantiedagen in de hoop de gemoederen te temperen. Iedereen houdt zijn hart vast. In Nigeria, maar ook in het buitenland dat miljoenen vaten olie koopt. En in Afrika zelf, waar gewelddadige verkiezingen in Nigeria het toch al fragiele democratiseringsproces in gevaar zal brengen.