De BBC-microfoon van Alan Johnston

Televisiegeschiedenis schreven BBC, Sky News en Al-Jazeera English gistermiddag. Drie nieuwszenders tegelijk riepen in een gezamenlijke uitzending op tot vrijlating van BBC-correspondent Alan Johnston. Sinds de 44-jarige Schot een maand geleden in Gazastad werd ontvoerd, is taal noch teken van hem of zijn gijzelnemers vernomen.

Het programma duurde vijfentwintig minuten en was het uithangbord van de Alan Johnston Day of Action , campagnejournalistiek op zijn BBC’s met ook aandacht voor feiten. Presentatie was in handen van grand old BBC-verslaggever Jeremy Bowen. Vanaf het centrale plein in Ramallah praatte hij de reportages en de interviews soepel aan elkaar.

De beelden imponeerden. Vader Johnston die vanuit Schotland het woord richtte tot de gijzelnemers. Verslaggever Johnston aan het werk tussen de angstaanjagende Al-Aqsa Martelarenbrigades. En daar was zijn werkkamer. Onheilspellend leeg. De montagetafel en microfoon lagen er onbemand bij.

Tussendoor vertelden Al-Jazeeracorrepondenten dat verslaggeven in de chaotische Gazastrook haast onmogelijk is: „We krijgen voortdurend dreigtelefoontjes.’’ Gingen protesterende collega’s in Gazastad en Ramallah de straat op. En waarschuwde een eerder ontvoerde cameraman de gijzelnemers. Grimmig: ,,Als jullie willen dat wij de Palestijnse zaak aan de wereld blijven tonen, doe dan verdomme wat!”

Misbruik van mediamacht?

Het blijft een zwaar middel: zendtijd inzetten om actie te voeren voor een collega. Maar de programmamakers overtuigden. Uit de achtergrondreportages bleek dat de ontvoering niet op zichzelf staat. Alleen al in de Gazastrook werden in iets meer dan een jaar tijd 15 journalisten gekidnapt. In ruil voor losgeld en genoegdoening. Dat blijkt een trend. Journalisten zijn steeds vaker ,bargaining chips”. Van de Filippijnen tot Pakistan, van Afghanistan tot Columbia en Mexico worden mediamensen ontvoerd om politieke doelen af te dwingen.

Intussen wachtten CNN-kijkers vergeefs op de uitzending. Er was breaking news. Uit Bagdad. Een zelfmoordterrorist had zich opgeblazen in het parlementscafé, dat zicht bevindt in de zwaar beveiligde groene zone. En daar waren live beelden van. Man met tulband, knal, duikt voorover, heel veel rook, en kijk daar ligt een slachtoffer te kermen en te bloeden.

De beelden maakten weer boos en machteloos, alsof we er naast stonden, maar niet konden helpen. Gemaakt door Al Hurra.

Al Hurra?

Dat is de zender die is gelanceerd door de Amerikanen. Die de hearts en minds van de Arabieren moet veroveren, als tegenwicht tegen Al-Jazeera en Al-Arabyia. Moet die zender vandaag mijn heart &mind stelen?

Snel gezapt naar de Nederlandse netten. Zouden zij meer achtergronden weten en beelden laten zien? Helaas, dan ben je bij de publieke omroep aan het verkeerde adres. Geen enkele actualiteitenrubriek besteedde aandacht aan de aanslag. En de eerste nieuwsbeelden verschenen pas om half acht in het RTL-nieuws.

Inderdaad: de Al-Hurrabeelden, compleet met CNN-uitleg dat „dit een aanslag is recht in het hart van Iraks jonge democratie”. Om acht uur nog eens herhaald door het NOS Journaal. Niet aangevuld met informatie van Irakkenner Bertus Hendriks of correspondent Nicole le Fever die door Irak reisde.

Nicole, waar bleef je nou?

Of nee, natuurlijk: het journaal, ‘vlaggeschip van de publieke omroep’, zat er doorheen. Het geld was op, uitgegeven aan alle live verslaggeving over het babyprinsesje.

Reageer op deze column via www.nrc.nl/ogen