De ballenfluisteraar

Mijn Johan Cruijff. Thomas Rap, 254 blz. €17,50 (geb).

‘Hun zeggen Johan Cruijff wordt vijftig jaar’ dichtte Jan Kal bij de vorige viering van de 25ste april 1947. Zijn sonnet (14 regels!) stond samen met een dozijn andere hommages in een speciale aflevering van het tijdschrift Hard gras. Tien jaar later heeft uitgeverij Rap de fakkel overgenomen, zij het dat Mijn Johan Cruijff (redactie Paul Brandt) een gebonden boek is met drie lange en dertig korte bijdragen van onder meer Sytze de Boer (een biografie van Cruijffs auto’s), Jan Donkers (‘De leesbril’),Menno de Galan (een analyse van de beruchte afscheidswedstrijd tegen Bayern München), Hanneke Groenteman (commentaar bij een foto van de 18-jarige voetballer als spijkerbroekenmodel), Tomas Ross (een claim op het auteursrecht van ‘Elk nadeel heb z’n voordeel’) en Peter Winnen (een gedicht met de titel ‘De Ballenfluisteraar’). Natuurlijk wordt er flink gedweept, dat hoort bij Cruijff als het brilletje bij Joop van Daele of de meeuw bij Eddy Treytel; maar meer dan een decennium na Cruijffs laatste heldendaden is er ook ruimte voor voorzichtige kritiek. Niet alleen bij Tomas Ross en Jaap Visser, die de maestro zelfs een zeikerd durft te noemen, maar vooral bij Frits Abrahams. De NRC-columnist legt in ‘The Godfather’ uit welke desastreuze gevolgen de invloed van de éminence grise heeft gehad op het Nederlandse voetbal sinds de jaren negentig: ‘We zullen pas wereldkampioen worden als hij achter de geraniums zit.’

Tien jaar na ‘Cruijff wordt vijftig’ is de vraag natuurlijk of er nog wat nieuws over zijn leven en werk te melden is. De stukken in Mijn Johan Cruijff, hoe aanstekelijk vaak ook, suggereren van niet – wat logisch lijkt als je bedenkt dat er de afgelopen jaren niet zoveel aan het corpus- Cruijff is toegevoegd. Toch blijven er lacunes, en die worden niet allemaal zo elegant opgevuld als Cruijffs Amerikaanse jaren (zie de recensie hierboven) of Cruijffs tijd bij Feijenoord (zie het stuk van Auke Kok in Mijn Johan Cruijff). Ik had graag een financiële reconstructie gelezen van de malversaties waardoor Cruijff aan het eind van de jaren zeventig zijn fortuin verloor (een blessing in disguise aangezien die de oorzaak waren van de memorabele laatste kunstjes bij Ajax en Feijenoord), of een goede psychologische schets van vrouw Danny, die meer invloed heeft gehad op de carrière van haar man dan Cruijff zelf op het Oranje van de jaren negentig.