22. LEEN VAN FAMILIE

Een miljonair in spe moet denken en doen als een boer die tijdig zaait om later te kunnen oogsten. In dit geval zaai je euro’s (investeren) in de hoop dat deze groeien (renderen) en straks meer opleveren. Vooral ‘investeringen’ als een eigen huis, een eigen bedrijf(je), aandelen en onroerend goed kunnen lekker groeien. Om succesvol te kunnen oogsten, moet je beschikken over veel zaaigoed/euro’s, bijvoorbeeld door dat te lenen. Liefst renteloos.

Je ouders of grootouders mogen hun (klein)kinderen renteloos, of tegen een lage rente, geld lenen. In feite mogen ze iedereen geld lenen. Die voordelige rente levert je een voordeel op. De Belastingdienst kan dit voordeel zien als een schenking, waarover schenkingsrecht is verschuldigd. Dat is zeker zo voor een lening met een vaste looptijd, die niet voor de einddatum opeisbaar is.

Kom je geen vaste looptijd overeen en is de lening direct opeisbaar, dan wordt het rentevoordeel niet als een (belaste) schenking beschouwd. Je moet de lening wel zonder moeite af kunnen lossen. Desnoods door bij een bank een vervangende lening te sluiten. Wil de bank dat niet, bijvoorbeeld omdat je te weinig verdient of geen zekerheid kan bieden, dan loop je het risico dat de fiscus elk jaar schenkingsrecht heft over het rentevoordeel. Uiteraard mag je dan gebruik maken van de jaarlijkse vrijstelling van schenkingsrecht (2007) tussen ouders en kinderen van 4.412 euro of 2.648 euro tussen grootouders en kleinkinderen of tussen willekeurige derden.

Het vermogen van de (groot)ouders in box 3 verandert niet door de lening. Het saldo van hun bankrekening gaat weliswaar omlaag, maar daar staat een even grote vordering (op de lener) tegenover. Zij verschuiven, door het afzien van rente, in de loop van de tijd, ongemerkt, wel een deel van hun vermogen naar de lener. Dat zijn onbelaste, periodieke en onzichtbare schenkingen, naast de gebruikelijke onbelaste schenkingen.

Adriaan Hiele