Lentegevoel: raapstelen

Raapstelen, zei collega Nico. Daar krijgt hij een lentegevoel van. Enthousiast riep ik ‘wat lekker’ en dacht aan een lente-achtig stamppotje met raapstelen en spekjes.

Maar wat kan je eigenlijk nog meer met raapstelen? Janneke is nog even vrij en dus niet te raadplegen. Op naar de kookboekenkast dan maar.

Dat leverde vooral veel vragen op. Zijn de Amerikaanse turnip greens, de Britse turnip tops of de Italiaanse cima di rapa hetzelfde als onze raapsteeltjes? Op de foto’s lijken het stelen, geen steeltjes. En de delicate smaak van onze soort lijkt me verloren te gaan bij de stooftijden van anderhalf uur die de Amerikaanse Paula Deen bijvoorbeeld hanteert.

Ze behoren allen tot de brassica-familie – net als bijvoorbeeld bloemkool, spitskool, koolrabi en koolzaad – maar ze verschillen inderdaad van smaak en blad.

Voor ‘onze’ raapstelen moest ik toch in Nederlandse kookboeken zijn. Alhoewel: Mej. A.C. Manden stooft in Recepten van de Haagsche Kookschool (1901) raapstelen in 70 gram boter en nogal wat zout in een uur gaar. Mijn overgrootmoeder schreef er in de kantlijn bij dat korter ‘afkoken’ beter was, dan werden de raapstelen minder ‘snotterig’.

In 1938 (Het coöperatieve kook-en huishoudboek van R. Lotgering-Hillebrand) werd de kooktijd met een half uur verkort en ook juffrouw Wannée van de Amsterdamsche Huishoudschool schrijft een half uur voor.

Gelukkig meent de nieuwe generatie Nederlandse kookboekenschrijvers dat hoe verser hoe beter is. De meeste recepten spreken over 5 tot 8 minuten blancheren in kokend water. En schrijvers als Paul van Waarden (Het Nw/Nl Kookboek) en Florine Boucher (Het derde NRC Handelsblad Kookboek) serveren raapstelen als rucola: rauw als sla.

Dé raapsteleninformatie vind ik uiteindelijk op raapstelen.nl („de voorjaarsgroente uit ‘grootmoederstijd’ heeft een eigen site”). Kwekerij Miranda geeft daar een enorme hoeveelheid recepten met raapsteeltjes. Van ‘soep van de zeven smarten’ tot een salade met oude kaas en pijnboompitten en tortilla’s gevuld met raapstelen.

En Marie-José Klaver, die regelmatig met tips komt op het weblog, mailt me: „Eten we vanavond. Raapstelen zijn echt mijn favoriete groente!” Ze maakt ze „heel simpel met spaghetti, knoflook en een beetje groene pesto”.

Klinkt ook lekker. Toch grijp ik terug op een stamppotje.

voor 2 personen

150 gram zachte geitenkaas

2 fijngehakte bosuitjes

4 tomaten, in blokjes gesneden en desgewenst ontveld en de zaadjes verwijderd

200 gram raapstelen (ongeveer 2 bosjes)

vers gemaakte aardappelpuree

Voeg alle ingrediënten toe aan de puree. Door de hitte van de aardappelpuree verwarm je de raapstelen en smelt de kaas enigszins. Maak de puree op smaak op smaak met zout en peper. Wie vlees wil: voeg wat uitgebakken spekjes toe.

Welk gerecht roept bij jou een lentegevoel op? Praat mee op nrc.nl/kokenetc