Laat de woelmuizen van het kapitalisme leven

De opkomst van private equity en hedgefondsen zorgt voor risico’s, vond men gisteren in de Tweede Kamer.

Maar de investeerders hadden ook voorstanders.

De toezichthouders op de financiële sector moeten vaker de „rode vlag” hijsen als activistische beleggers of opkoopfondsen bedrijven met een te hoge schuldenlast opzadelen.

Jan Kalff, ex-topman van ABN Amro, zette gisteren de toon op een hoorzitting in de Tweede Kamer over de invloed die private equity en hedgefondsen hebben op het Nederlandse bedrijfsleven. In een afgeladen zaal van het parlement luisterden bankiers en bedrijfsbestuurders ademloos naar zwaargewichten uit de financiële wereld. „Deze sector is te groot geworden om vrij te laten”, aldus Kalff. Hij pleitte voor meer regulering, extra waakzaamheid en grotere transparantie ten aanzien van opkoopfondsen.

De Kamer is bezorgd over recente ontwikkelingen rond bedrijven waarin private equity of hedgefondsen een belang hebben genomen en waar ze de bedrijfsstrategie willen beïnvloeden. Recente voorbeelden zijn Ahold, ABN Amro, Stork en PCM.

Volgens Kees Cools, hoogleraar bedrijfsfinanciering aan de Rijksuniversiteit van Groningen, behoren bedrijven in Nederland sinds enkele jaren tot de minst beschermde ondernemingen ter wereld. Hierdoor kunnen activistische aandeelhouders gemakkelijker op de Nederlandse markt opereren dan in de Verenigde Staten of in andere Europese landen.

Private-equityfondsen nemen gewoonlijk een belang in een onderneming om er op termijn meer waarde uit te halen. Hedgefondsen nemen kleine belangen in een bedrijf en proberen door druk op het management de strategie te wijzigen en snel koerswinst te boeken.

Kalff zei dat beide vormen van investeerders „heel goed kunnen werken”, maar wees ook op risico’s, omdat deze investeerders bedrijven met hoge schulden opzadelen en het vermogen uithollen.

Volgens oud-hoogleraar en oud-bestuurder Arie van der Zwan is uitgeversconcern PCM „een voortreffelijk voorbeeld van hoe het grotelijks mis kan gaan” met het binnenhalen van een investeringsmaatschappij. „Alles ging ten nadele van de onderneming”, aldus Van der Zwan. Hij wees ook op de „perversiteit van de financiële prikkels”, waardoor het management van PCM door middel van bonussen „werd losgekoppeld van het belang van de onderneming”.

De voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Banken, Boele Staal, sprak van „indianenverhalen” over de negatieve invloed van deze investeerders. „Het slechtste zou zijn om snel met regelgeving te komen die de werking van de vrije kapitaalmarkt beperkt.” Volgens Staal functioneert het toezicht van De Nederlandsche Bank goed.

Maar Paul Koster van toezichthouder AFM zei dat hij geen idee heeft van de omvang van deze financiële sector. „We hebben als toezichthouder onvoldoende greep op dit nieuwe en belangrijke fenomeen.”

De topman van private-equityfonds Cerberus, Piet Korteweg, nam het op voor de hedgefondsen, die hij „het zout der aarde” noemde. Volgens hem moet Nederland de markt voor private equity in de wereld worden. „Ze zijn de woelmuizen van het kapitalisme. Laat die diertjes leven.”

Eerdere artikelen over private equity staan op www.nrc.nl/private-equity