Een volle tank tegen Iran

Zucht, kreun. De olieprijs gaat weer omhoog en de gemiddelde Amerikaan giet mistroostig zijn tank vol. Wel 2,88 dollar per gallon! Dat is omgerekend zo’n 60 eurocent per liter, een prijs waar de gemiddelde Nederlander een moord voor zou doen. Die betaalt 1,37 euro.

Toch heeft de Amerikaanse automobilist het slechter dan veel andere aardbewoners. Veel opkomende landen en ontwikkelingslanden heffen helemaal geen belasting of, sterker nog, ze subsidiëren benzine.

Ruimte zat dus voor belastingverhogingen om het brandstofverbruik terug te dringen en zo mee te strijden tegen het opwarmen van de aarde. Maar zo’n belastingverhoging was toch slecht voor de economie? Ho, niet als je die begrotingsneutraal houdt, stelt het Internationaal Monetair Fonds.

Begrotingsneutraal betekent dat je de loonbelasting evenveel verlaagt als je de brandstofbelasting verhoogt. Zo merkt de gemiddelde consument per saldo niets in zijn portemonnee. Wat hij aan de pomp meer betaalt, houdt hij netto meer over van zijn salaris.

De hele operatie blijkt goed uit te pakken voor de wereldeconomie. Dat gaat zo: bij een belastingverhoging op brandstof van wereldwijd 10 procent zal de consumptie van brandstoffen geleidelijk afnemen. In het IMF-model daalt de prijs van olie, die deze toekomst meteen al verdisconteert, in een ruk met 7 procent. Dat gaat ten koste van de inkomsten van olieproducerende landen, maar scheelt de importerende landen juist geld. De wereldwijde inkomensverdeling verschuift dus, en dat begunstigt vooral de opkomende Aziatische landen en de VS. Zij ervaren, in lichte vorm, meer groei, meer consumptie, een betere betalingsbalans en een sterkere wisselkoers.

Er zijn ook verliezers. De olie- exporteurs zien de groei juist afnemen en de betalingsbalans verslechteren. Maar, zo stellen IMF-economen, over het geheel genomen gaat de wereldeconomie er toch op vooruit, zij het bescheiden. De belasting verschuift van een productiefactor – arbeid – naar een grondstof. En dat is gunstig.

En die gemiddelde Amerikaan bij de pomp? Die moet alleen maar even de volgende gedachtenkronkel doormaken: het feit dat hij meer belasting op zijn benzine betaalt is niet alleen goed voor zijn portemonnee, maar gaat uiteindelijk ook nog eens ten koste van de inkomsten van – we noemen maar een paar willekeurige landen – Venezuela en Iran. Wie zei dat het verhogen van de brandstofbelasting in de Verenigde Staten politiek onhaalbaar was? Het is maar hoe je die verkoopt.

Maarten Schinkel