‘Onze woorden worden vaak fout uitgelegd’

Moslims in Bourges, een rustige provinciestad in het midden van Frankrijk, maken zich zorgen over de werkloosheid. Over de islam hebben ze het liever niet.

Jonge moslims in park Gibjoncs in Bourges. „Als je steeds maar hoort dat immigranten het werk van Fransen afnemen, schiet het extremisme wortel.” Foto Fabrice Dimier Group of young moslims in Stadium Gibjoncs in Bourges Libre arbitre

De zorgen zijn niet meteen zichtbaar in het park Gibjoncs in Bourges, een rustige provinciestad in het hart van Frankrijk. Yanis (37) en Yasmina (31), arts en masterstudente scheikunde uit Algerije, zitten gemoedelijk op een zonnig bankje. Yasmina is in afwachting van hun eerste kind, dat over twee maanden geboren wordt. Over hun leven hebben ze geen klagen. Nooit racistische incidenten meegemaakt. Niemand die opmerkingen maakt over haar hoofddoek, ook niet op de universiteit in Parijs.

Yanis en Yasmina zijn immigranten waar Frankrijk op zit te wachten, volgens de wet op de ‘gekozen immigratie’ die vorig jaar van kracht is geworden. Hoogopgeleid en actief in sectoren waar Frankrijk mankracht nodig heeft. Aanwezig met een tijdelijk visum. „Wij zijn uitverkorenen”, zegt Yasmina ironisch.

Maar als ze de Franse campagne voor de presidentsverkiezingen op 22 april en 6 mei zien, maken Yanis en Yasmina zich wel zorgen. „Immigranten worden gestigmatiseerd”, vindt Yasmina. „Als je steeds maar hoort dat immigranten het werk van Fransen afnemen, schiet het extremisme wortel”, meent Yanis. Hij wantrouwt verwijzingen van Franse politici naar de strikte scheiding tussen kerk en staat. „Dat is een manier om geen steun te geven aan het bouwen van moskeeën. Maar het levert op den duur problemen op als moslims als enigen niet in tempels bidden, maar in kelders.”

Immigratie is een thema in de verkiezingscampagne, maar de plaats van de islam in de Franse samenleving niet. De radicale kandidaat Philippe de Villiers fulmineert wel tegen een „dreigende islamisering”, maar de andere kandidaten, inclusief de extreem-rechtse Jean-Marie Le Pen, reageren daar niet op. In Bourges wordt die relatieve rust in de campagne als weldadig ervaren. Vrouwen in het park, mannen in de straten zeggen dat ze zich vooral zorgen maken over de werkloosheid. Laat de islam er maar buiten.

Een paar straten verder, bij de gloednieuwe moskee Al Fath, staat Mohamed Amallade (75) voegen te vullen bij de poort. Zorgvuldig werk. Hij doet het gratis. „Betaald door God”, zegt Amallade. De moskee is het centrum van zijn leven. Laat de politiek er maar buiten, vindt hij. Zijn kinderen, die de Franse nationaliteit hebben en mogen stemmen, leven volgens hem als „zwijnen in het bos”. Op de Franse school hebben ze niets over het geloof geleerd. In de nieuwe moskee komen gelukkig steeds meer jongeren. „Fransen zelfs”, zegt Amallade. Actieve leden gaan de straat op om jongeren uit te leggen hoe zij zich moeten gedragen.

In Bourges, een stad met 70.000 inwoners wonen naar schatting ruim 3.000 moslims. Er zijn drie moskeeën, een Turkse, een Algerijnse en Al Fath, de Marokkaanse. De moskee is gebouwd met steun van de plaatselijke en gemeentelijke autoriteiten en vorig jaar juni geopend. Er is plaats voor 300 mannen en 100 vrouwen. Daarmee is de moskee de grootste in het departement Cher. Bij de opening hield de secretaris-generaal van de moskee een warm pleidooi voor dialoog tussen de verschillende bevolkingsgroepen in Bourges. Maar vandaag willen de bestuurders van de moskee niet praten.

Dat is wel te begrijpen, vindt Mohamed, een leraar op een Franse school die zelf ook actief is in het verenigingsleven in Bourges. „Journalisten brengen onze woorden vaak verkeerd over.” Volgens Mohamed komen alle problemen uit Parijs, waar de media zitten en alles snel politiek wordt. „Dat heeft niets te maken met onze realiteit. Moslims in Bourges willen met rust gelaten worden en in vrede samenleven. Mijn zorgen zijn dat mijn kinderen straks werk vinden, dat de werkloosheid omlaag gaat.”

Voor moslims in Bourges is het woord ‘media’ verbonden met een dag in november 2005. Presidentskandidaat Sarkozy was nog minister van Binnenlandse Zaken. Op een vroege ochtend arresteerde de antiterreurpolitie zes moslims in Bourges op verdenking van betrokkenheid bij het voorbereiden van terreuraanslagen. De grootste Franse tv-zender TF1 kwam met de politie mee. ’s Avonds meldde die in het nieuws dat de Al Fath-moskee (de oude) een haard van moslim-fundamentalisme was. De verdachten werden in verband gebracht met de Tabligh-beweging, diepgelovig maar anti-geweld. Dat het niet tot een rechtszaak kwam, bij gebrek aan aanwijzingen, verbaast Mohamed niet. „Het was een operatie die puur bedoeld was voor de publieke opinie, omdat net een antiterreurwet van Sarkozy in het parlement werd behandeld.” Hij is nog altijd boos op TF1, dat nooit is terugkomen om te kijken hoe het zit.

In Bourges heeft de arrestatie diepe sporen achtergelaten, vertelt Asshraf Ashry (43), leraar Arabisch aan de volkuniversiteit en vertaler bij het gerechtshof. „Die operatie heeft de mensen hier bang gemaakt” vertelt hij in zijn flat. Ashry, een genaturaliseerde Fransman van Egyptische afkomst, heeft zich de afgelopen jaren vaker opgewonden over affaires die de Franse moslims in een hoek zetten. Het verbod een hoofddoek te dragen op openbare scholen in 2004 heeft volgens hem „droefenis” in Bourges veroorzaakt. De discussies die tot in het Franse parlement zijn gevoerd over „positieve effecten van de kolonisering” in Noord-Afrika vindt hij „beneden alle peil”. Of de verkiezingen veel zullen veranderen betwijfelt hij. Ashri stemt op Ségolène Royal. Een vote util zegt hij: het belangrijkste is het tegenhouden van Sarkozy en Le Pen.