Onwillige patriotten

De rubriek Bijzien zet elke week een nieuwe film in een bredere context. Deze keer over het post-9/11 geworstel met politieke loyaliteiten in politieke thrillers zoals ‘Shooter’.

Achteraf is het altijd makkelijk praten. Of makkelijk filmen. Hollywood doet graag aan geschiedschrijving in overzichtelijke plots. Om de politieke temperatuur te meten is het daarom vaak interessanter te kijken naar films die niet per se actueel of geëngageerd willen zijn, maar die het per ongeluk een beetje werden. Neem Shooter, de grote actiefilm met Mark Wahlberg die deze week in première gaat.

Shooter gaat verder waar In the Line of Fire (1993, Wolfgang Petersen) ophield. In die film moest een geheim agent (Clint Eastwood) een moordaanslag op de president zien te voorkomen. Hij was geen echte superheld, want hij had al eens een president (Kennedy!) voor zijn ogen zien sterven, maar gemotiveerd genoeg om dat nu te voorkomen. In Shooter moet ex-scherpschutter Bob Lee Swagger (hoor de echo van Lee Harvey Oswald) een aanslag op de president plannen – om er eentje te voorkomen. Hij heeft al eens gezien hoe het Amerikaanse leger uit naam van de Amerikaanse president vuile handen maakte in Ethiopië, dus hij is niet bijster gemotiveerd als er door de FBI een beroep op hem wordt gedaan. Integendeel: hij laat zien dat hij het in z’n eentje prima redt, als knauwende redneck met hond in een berghut. Zo’n beetje als die wapenliefhebbers die we in Michael Moore’s Oscar-winnende docu Bowling for Columbine (2002) allemaal reuze eng vonden. Maar er is één knopje dat de schimmige kolonel die zijn hulp komt vragen, maar hoeft in te drukken en hij springt op als een gedresseerde aap. Dat knopje heet vaderlandsliefde. Je hoeft niet bijzonder dol op déze president te zijn, als je maar in het instituut president blijft geloven, wordt er ergens in de film gezegd. Het is zo’n beetje als de soldaten die worden uitgezonden naar de Golf in de ‘anti’-oorlogsfilms Three Kings (1999, David O. Russell) of Jarhead (2005, Sam Mendes). Wel vechten, maar alleen omdat ze nou eenmaal soldaat zijn. Waaróm ze soldaat zijn vragen ze zich nauwelijks af.

In Shooter gaat dat cynisme nog een stukje verder. Swagger is een robot. Hij is getraind om te doden en te overleven en natuurlijk keert zich dat tegen zijn opdrachtgevers. Hij is een redneck, sinds John Wayne eigenlijk geen held meer in Hollywood, en gaat in zijn eigenrichting net een stapje verder dan gebruikelijk sinds Quentin Tarantino. Een A-Team in z’n eentje.

Post 9/11 is de film (naar een in 1993 geschreven boek) een spiegel voor de politieke verwarring in Amerika. Er mochten geen helden van Democratische of Republikeinse zijde in voorkomen, want iedereen is een beetje fout en een beetje slecht. Overheden zijn corrupt en geld is de enige schurk. En Swagger is een manke Rambo.