Mama is niet saai meer

Door het toepassen van een televisieformule kreeg de gemeente Almelo langdurig werklozen aan het werk.

Ze hebben nu weer een twinkeling in hun ogen.

„Mama, jij bent saai”, kreeg Shahaira Winklaar (32) vorig jaar van haar dochtertje te horen. „Alle kinderen lopen met hun moeder over straat. Jij zit alleen maar op de bank.” Winklaar was zes jaar geleden van Curaçao naar Almelo verhuisd. Op het zonnige eiland werkte ze altijd in de horeca, maar in Nederland kwam ze maar niet aan de bak. Ze was bang om gesprekken aan te knopen, en als ze de straat op moest, liep ze met gebogen hoofd. Ze belandde in de bijstand en zag jarenlang weinig meer dan de vier muren van haar huiskamer.

De situatie veranderde radicaal toen ze in het voorjaar van 2006 uit de kaartenbak van de gemeente Almelo werd getrokken, om verplicht mee te doen aan het reïntegratie-experiment Focus.

Winklaar vond dankzij het project een baan, en dat was niet het enige. Aan tafel bij haar werkgever, verzorgingscentrum de Reggeland in Almelo, vertelt Winklaar met rechte rug en twinkelende ogen wat er in de tussentijd met haar is gebeurd. „In drie maanden tijd is mijn leven compleet veranderd. Het begon ermee dat ik met elf anderen werd uitgenodigd in ‘het Focushuis’. Onder leiding van een personal coach zijn we gaan sporten: fitness, yoga en badminton. Dat deden we vervolgens iedere ochtend.” Naast het lichaam werd ook de geest getraind. „’s Middags werden we vaak rondgeleid in een fabriek of kantoor, waar we bijvoorbeeld sollicitatietraining kregen. Ook leerden we hoe je jezelf presenteert, hoe je een nette brief schrijft en op de computer vacatures vindt. Bij de presentaties liet de coach mij altijd beginnen. Zij wist natuurlijk dat ik heel verlegen was. Maar de groep stimuleerde me om te praten en ik vond het steeds minder eng.”

Na drie maanden intensieve begeleiding werd de kers op de taart gezet: de deelnemers kregen een make-over. „We kregen nieuwe kleding, gingen naar de kapper en we kregen een persoonlijk kleuradvies, zodat je weet wat je het beste staat. Dat kaartje heb ik altijd bij me.” Winklaar voelde zich weer gelukkig en kort daarna vond ze een tijdelijke baan in het verzorgingscentrum.

Een van de bedenkers van Focus is Kosha Schipper. Volgens hem is het project uit nood geboren. „Voorheen probeerden we via reïntegratiebureaus mensen weer aan het werk te krijgen. Maar de uitstroom was praktisch nul. Toen hebben we aan werkgevers gevraagd wat zij belangrijk vonden bij het aantrekken van personeel. Het toverwoord bleek motivatie”, vertelt Schipper. „Dat vinden werkgevers belangrijker dan het hebben van de juiste diploma’s.” Daarop vroeg Schipper zich af: hoe zorg je ervoor dat mensen die jarenlang thuis zitten en vaak een lage dunk van zichzelf hebben, weer zin krijgen om aan het werk te gaan? „Ik moest meteen denken aan de make-overprogramma’s op televisie. Door te werken aan hun conditie en de aandacht voor hun uiterlijk, kregen de deelnemers weer zin om iets te ondernemen.”

De televisieformule werd toegepast in het reïntegratieprogramma. Het bleek een gouden greep. Van alle deelnemers heeft 70 procent inmiddels een baan gevonden, tegenover 18 procent van de bijstandsgerechtigden die gemiddeld, volgens cijfers van het CBS, na een hulptraject een baan vinden.

Maar volgens Alma ter Avest, voor de gemeente betrokken bij de uitvoering van het project, wordt er nog altijd te geringschattend over Focus gepraat. „In Almelo sturen ze de mensen naar de kapper, klinkt het dan. Terwijl we zoveel meer doen. Alleen al het feit dat de deelnemers per week 32 uur intensief worden begeleid. Daarmee kweek je een ritme dat sommigen al jaren ontbeerden. Sommigen gingen expres laat naar bed, en sliepen lang uit, zodat de dag niet zo lang hoefde te duren.” Ook het groepsproces noemt Ter Avest belangrijk. „De deelnemers groeien naar elkaar toe en tonen belangstelling voor elkaar. Alleen al de vraag op maandag, ‘hoe was je weekend?’ geeft iemand het gevoel dat hij er weer bij hoort. Vaak spreken de deelnemers ook na afloop van het project met elkaar af.”

De kracht van Focus, de kleinschalige opzet waarin individuele begeleiding mogelijk is, is ook de zwakte. „Per keer kunnen 10 à 15 personen meedoen en de kosten bedragen 4.500 euro per persoon”, vertelt Schipper. „Terwijl in Almelo ruim 2.300 mensen in de bijstand zitten. Op grote schaal is het project dan ook niet voort te zetten. Maar in het vervolgproject proberen we het beste van twee werelden te combineren. We brengen alle instellingen die zich met reïntegratie bezighouden samen op één plek. Daar wordt ook gesport en krijgen de deelnemers zo intensief mogelijke begeleiding. Alleen zijn de groepen een stuk groter.”

Shahaira Winklaar is inmiddels klaar voor de volgende stap. Volgende maand gaat ze aan de slag als verzorgster van dementerende ouderen. Ze beschikt nog niet over het vereiste diploma, maar dat hoopt ze op termijn wel te halen. „Ik heb mijn hoofd niet meer gebogen, maar kijk recht vooruit.”

Kijk voor meer informatie over reïntegratieprojecten op de site van de Raad voor Werk en Inkomen: www.rwi.nl