Köprü, ongekuist

De Turkse autoriteiten houden iets te goed in de gaten wat in de wereld zoal wordt gepubliceerd over de ‘Armeense kwestie’, de massamoord op Armeniërs door Turken rond 1915. Turkije ontkent dat in juridische zin sprake was van genocide. De zaak wordt door de Turkse regering en de nationalisten in eigen land hoog opgenomen. Maar internationaal ook: de kwestie is toetssteen geworden voor de mogelijke toetreding van Turkije tot de Europese Unie. Intussen laten de Turken niet na de wereld te wijzen op hun gelijk. Boekvertalingen worden gekuist, wetenschappelijke publicaties aangepast en tentoonstellingen uitgesteld, omdat in de teksten over de volkenmoord termen worden gebruikt die Turkije onwelgevallig zijn.

Drie zaken springen in het oog. Vorige week werd bekend dat de Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB) alle exemplaren vervangt van de Turkse vertaling van Geert Maks boekenweekgeschenk De Brug, een verhaal over de Galatabrug in Istanbul. In de vertaling (Köprü) zijn politiek gevoelige passages over de Armeense kwestie afgezwakt. De gekuiste gedeeltes waren gemaakt omdat de CPNB naast een Turkse vertaling voor het Nederlandse publiek ook een editie beoogde in Turkije, die aan de Turkse wet moest voldoen. Volgens Mak was het niet de bedoeling een aangepaste versie in Turkije te laten verschijnen, maar door paniek bij de uitgeverij na de moord op de Turks-Armeense journalist Hrant Dink mislukte dat. De versie voor de Turkse lezers in Nederland had een zo letterlijk mogelijke vertaling moeten zijn. Dat liep spaak, waardoor bijvoorbeeld het door Mak in relatie tot de Turkse Armeniërs gebruikte woord ‘deportatie’ is vervangen door het neutrale ‘migratie’.

Andere zaak: in het gebouw van de Verenigde Naties in New York zou dezer dagen een tentoonstelling worden geopend ter nagedachtenis van de genocide in Rwanda dertien jaar geleden. Organisator is de Britse Aegis Trust, die wereldwijd campagne tegen volkenmoord voert. De expositie is uitgesteld, bevestigde Aegis, na Turkse bezwaren over het deel van de tentoonstellingstekst dat verwijst naar de Armeense volkenmoord. De gewraakte passage luidt volgens het persbureau Reuters: „Na de Eerste Wereldoorlog, gedurende welke 1 miljoen Armeniërs in Turkije werden vermoord, drong de Poolse advocaat Raphael Lemkin er bij de Volkenbond op aan barbaarse misdaden te erkennen als internationale misdaden.”

Eerder dit jaar bemoeide de Turkse overheid zich met een tentoonstelling in Nederland. De Amsterdamse Nieuwe Kerk weerde uit de catalogus van de expositie ‘Istanbul’ vier artikelen van Nederlandse academici, omdat deze de Turken niet bevielen. De geschrapte passages gingen over Koerden in Istanbul, homoseksualiteit onder Osmanen en de genocide op de Armeniërs.

Dat Turkije niet in het reine komt met zijn verleden is één ding. Dat het land zich ook buiten zijn grenzen bemoeit met de Armeense volkenmoord in teksten en tentoonstellingen – en dat daar nog gehoor aan wordt gegeven ook – is zorgwekkend en maakt Turkije voorlopig ongeschikt voor EU-toetreding. Het is treurig dat het sfeervolle en politiek nauwelijks omstreden boekenweekgeschenk aangepast moest worden. Het is goed dat de CPNB Turkse lezers hier alsnog de gelegenheid biedt van de ongekuiste versie kennis te nemen.