Bos’ dubbelrol

Toenmalig premier Kok (PvdA) sprak tien jaar geleden over de „exhibitionistische” omvang van de inkomens van topmensen in het bedrijfsleven. Het thema van de scheve verhoudingen tussen de hoogste en laagste salarissen is sindsdien actueel gebleven. Nederland-polderland lette er in het verleden scherp op dat de verschillen in inkomens binnen de perken bleven. Maar de verzakelijking van de verhoudingen, die al inzette onder de kabinetten-Lubbers en die een impuls kreeg tijdens de daaropvolgende Paarse jaren, resulteerde in een klasse van veelverdieners die zich weinig aantrekt van een moreel appèl. Belangrijk punt in deze met emoties beladen discussie is de toegenomen zichtbaarheid van de kapitalen die door de nieuwe rijken worden verdiend. Daarop sloeg kennelijk ook de typering ,,exhibitionistisch” van Kok destijds. Nederland was voorheen een land dat behalve stille armoede ook stille rijkdom kende.

Vandaag wijdde de Tweede Kamer weer een spoeddebat aan de topinkomens in de private sector. De ironie wil dat een hoofdrol is weggelegd voor PvdA-leider Bos, maar nu als minister van Financiën. Zijn partij heeft in de vorige kabinetsperiode vanuit de oppositie vele malen de kwestie van de excessieve omvang van topinkomens aan de kaak gesteld. Tijdens de campagne voor de Tweede Kamerverkiezingen in november legde Bos zijn toenmalige politieke tegenstrever Balkenende (CDA) stevig op de grill wegens het uitblijven van maatregelen op dit terrein. Nu Bos minister van Financiën is, loopt hij op tegen de smalle marges van zijn mogelijkheden. De ontwikkeling van de topinkomens in de private sector is nu eenmaal een terrein waarop de invloed van het regeringsbeleid zich hooguit indirect kan doen gelden.

In een brief aan de Kamer verwees Bos naar de uitkomsten van het werk van een commissie die zich buigt over de vraag waarom de zogeheten code-Tabaksblat onvoldoende effect heeft. In de Tweede Kamer voelde de PvdA-fractie zich verplicht om aan te dringen op steviger optreden. De sociaal-democraten hebben de hete adem van de SP in de nek. Die partij schermde gisteren met een verbod op het uitdelen van bonussen in het bedrijfsleven. Favoriet zijn ook voorstellen om via de belastingen de hoogste inkomens af te romen. De eerste maatregel is in een liberale markteconomie niet aan de orde. De optie om via de fiscus op te treden, levert hooguit een cosmetische oplossing.

Wat wringt in het huidige debat over de topinkomens, is de rol die PvdA-leider Bos speelt. Oud-secretaris generaal Postma van het ministerie van Financiën schreef vorige week in Openbaar Bestuur dat Bos gevangenzit tussen zijn vaktechnische rol als schatkistbewaarder en die van partijleider. Die dubbelrol is door zijn eerdere retoriek en door de concurrentie met de SP een groter probleem dan voor zijn voorgangers. PvdA-coryfee Pronk spreekt van een leiderschapscrisis in zijn partij. Dat is voorbarig, maar zo’n crisis is niet ver weg.